Niet toevallig – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 08)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 08

Niet toevallig

Schepper van hemel en aarde (2) – Martin ligt te pie­keren op zijn bed. Gek, de laatste tijd heeft hij dat wel vaker. Dan staat hij voor de spiegel, en denkt hij: ‘Dat ben ik. Maar… wíe ben ik eigenlijk? Stel nou ’s dat ik er níet was, had dat óók gekund? En wat zullen de jon­gens op school van me vinden? Ik wou dat ik wat stoerder was. Er beter uitzag ook, want moet je dat piekerige haar zien…!’

Waarschijnlijk zullen Martins vragen op den duur van­zelf voorbij gaan. Hopelijk weet hij dan ook dat het belangrijkste antwoord dít is: het is maar niet toe­vallig dat jij er bent. God heeft je gemaakt. Mét je piekerige haar, maar ook met je mooie ogen. Mét je zwakke punten, maar ook met je sterke. Hij had er, als Schepper van hemel en aarde, plezier in jou geboren te laten worden. Een heel verschil, als je jezelf zo mag bekijken!

Dat betekent trouwens ook dat je niet van jezelf bent. Wij zeggen wel eens: ”t Is toch míjn leven!’ Maar eigenlijk is dat niet waar. Je leven is eigendom van de Maker, van God dus, en je mag Hem ermee dienen. Dat is echt om blij van te worden.

Lezen: Psalm 100

God heeft mij gemaakt, ik ben van Hem (vers 3)! Zet een kruisje op je hand, als teken om je de hele dag te herinneren aan dit feit!

Een groot Kunstenaar – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 07)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 07

Een groot Kunstenaar

Schepper van hemel en aarde (1) – ‘Moet je eens zien, wat een prachtige kleuren! En zie je hoe mooi hij dat hondje heeft geschilderd?’ Mensen die in een museum kij­ken naar de schilde­rijen van Rembrandt, zijn er soms helemaal vol van. Als Rembrandt had kunnen horen hoe ze van zijn werk genieten, zou hij zich erg vereerd voelen.

Vandaag willen we het hebben over een ander museum waarin de kunstwerken van een groot Kunstenaar zijn uitgestald: de schepping. Heb je daar eigenlijk wel eens goed naar gekeken? Op vakantie misschien, toen je zo genoot van de bergen in Zwitserland of de bossen in Duitsland? Maar ook op de fiets op weg naar school: heb je wel eens echt gezien hoe mooi bloemen, vlin­ders en bomen kunnen zijn? Wie er oog voor heeft, kan er ontzettend van genieten.

Als je héél goed kijkt, krijg je natuurlijk ook meer oog voor de Kunstenaar achter al dat moois. We geloven niet dat dit zomaar toevallig is ontstaan, als resultaat van een ontzettend lang evolu­tieproces. Nee, het is alleen Gods werk! We mogen Hém ervoor loven – door er zorgvuldig mee om te gaan en door er volop van te genieten! Loof de HERE!

 

Lezen: Psalm 104:1-4 en 24-26

 

Laat je door deze Psalm inspireren om God iets te vertellen over wat je vandaag in Zijn schepping hebt gezien!

Psalm 87 gaat over Pinksteren (niet over Jeruzalem of Israël)

Ieder in z’n eigen taal – dat is Pinksteren. Want de Geest doorbreekt de grenzen die door mensen zijn gemaakt. Ieder hoort in z’n eigen taal over Gods grote daden – dat is Pinksteren. Ja, de Geest van Christus gaat wereldwijd.

In Psalm 87 wordt dat al aangekondigd. Er komt een tijd, dat uit alle volken de mensen graag bij de God van Israel willen horen. En dat ze graag deel willen uitmaken van dat volk van God. Ja, dat ze er trots op zijn, dat ze in de stad van God, in Sion, hun plek gevonden hebben.

Van de Korachieten, een psalm, een lied.

Boven alle steden van Jakob heeft de HEER de poorten van Sion lief, zijn vesting op de heilige bergen. Van u wordt met lof gesproken, stad van God. ‘Ik noem Rahab en Babel mijn getrouwen. Filistea, Tyrus en Nubië zijn alle hier geboren.’ Met recht kan men van Sion zeggen: ‘Welk volk ook, het is hier geboren, de Allerhoogste houdt Sion in stand.’ Bij de namen van de volken schrijft de HEER: ‘Dit volk is hier geboren.’ En dansend zingen zij: ‘Mijn bronnen zijn alleen in u.’

Psalm 87 gaat over Jeruzalem, zeggen veel mensen. Maar je kunt beter zeggen: Psalm 87 gaat over Pinksteren. Pinksteren verbroedert mensen uit allerlei volken en culturen. Zoals we zingen in Psalm 122 en in Psalm 133 en in een lied als ‘U maakt ons een, U brengt ons tezamen, wij loven en aanbidden U.’

Pinksteren verbroedert. Dat is heel bijzonder. De Heilige Geest maakt mensen één: samen in de naam van Jezus. Hoe bijzonder dat is, laat Psalm 87 al horen: want op Nubië na zijn de andere vier volken niet bepaald de beste vriendjes geweest van Israel. Tyrus, om het rijtje verder van achteren naar voren af te werken, was in de tijd van David en Salomo een bondgenoot, maar wordt in de profetieën van Jesaja en Jeremia nadrukkelijk als vijand genoemd. Neem verder de Filistijnen, wat hebben die het de Israelieten jarenlang lastig gemaakt na de intocht tot ver in de tijd van David en Salomo. Denk ook eens aan Babel – was het niet Nebukadnessar die de tempel verwoestte en heel de bevolking naar Babel deporteerde? Vergeet tenslotte Egypte niet, hier met Rahab aangeduid. Nou, daar hebben de Israelieten in de vier eeuwen tussen Jozef en Mozes in geen prettige tijd gehad! Als zelfs je aartsvijanden zich thuis gaan voelen in jouw stad en bij jouw volk, wat is er dan aan de hand? Dan is er dit aan de hand: ze zijn zich thuis gaan voelen bij jouw God!

Dát gebeurt vanaf Pinksteren. Uit allerlei volken en talen voelen mensen zich thuis bij de God van Jakob. Bij de Allerhoogste. Ja, de HERE schrijft alle volken persoonlijk in als bewoners van zijn stad, van Sion. Psalm 87 brengt in poëzie dezelfde boodschap als Jesaja in zijn profetie (Jes. 19:23-25). Ook daar zie je hetzelfde: er komt een tijd, dat God Zelf mensen bij elkaar brengt, die normaal tegenover elkaar staan:

Op die dag zal er een weg lopen van Egypte naar Assyrië. Dan zullen de Assyriërs naar Egypte komen en de Egyptenaren naar Assyrië, en samen zullen zij de HERE dienen. Op die dag zal Israel zich als derde bij Egypte en Assyrië voegen, tot zegen voor de hele wereld. Want de HEER van de hemelse machten zal hen zegenen met de woorden: ‘Gezegend is Egypte, mijn volk, en Assyrië, werk van mijn handen, en Israel, mijn bezit.’

Wij zeggen wel eens: sport verbroedert – en dat zal bij de Olympische Spelen ook best wel zo zijn. Maar je kunt beter zeggen: de Heilige Geest verbroedert. Hij maakt mensen één met Jezus en zo één met elkaar. Dan herken je elkaar als medechristen. Of je nu blank bent of bruin. Waar je ook vandaan komt. Dat wil Psalm 87 zeggen. Jeruzalem wordt Sion genoemd. Het gaat niet langer om die stad en dat lapje grond aan de Middellandse Zee op zich. Het gaat om de plaats waar God woont.

Vanaf Pinksteren woont God overal waar twee of drie mensen in de naam van Jezus samenkomen. Daar komt dan Gods volk bij elkaar. Daar wordt Gods lof bezongen. Daar wordt erkend dat God de Allerhoogste is, die aan de wereld zijn Zoon Jezus Christus gegeven heeft als diepste bron van blijdschap. Van Hem gaat het hart zingen en gaan de voeten dansen. En iedereen die in Hem gelooft, hoort bij die mensen uit ‘welk volk ook’, zoals Psalm 87 zegt, die ‘hier geboren’ zijn. Waar is ‘hier’? ‘Hier’ is overal waar Jezus Christus zijn gemeente bouwt, het nieuwe Jeruzalem. ‘Hier’ is overal waar de Heilige Geest aan mensen in hun eigen taal vertelt, wie God is en wie Jezus Christus is en hoe die Twee hebben laten zien, hoe lief ze de hele wereld hebben.

Dat mooie bericht gaat vanaf Pinksteren wereldwijd. Vóór die tijd, ook in Psalm 87, dacht iedereen nog: als die tijd komt, zullen uit heel de wereld de gelovigen zich in Jeruzalem verzamelen. Allemaal naar één plek toe dus. De pijlen naar binnen gericht. Zelfs de apostelen dachten dat nog, vlak voor de Hemelvaart: Heer, gaat U binnenkort het koningschap over Israel herstellen? Maar Jezus zei toen al: Nee, maar wanneer de Heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van Mij getuigen in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, tot aan de uiteinden van de aarde.’ Voel je, wat hier gebeurt? Met Pinksteren wordt de richting omgekeerd! De apostelen mogen niet meer denken: bij het nationale volk Israel moet iedereen zijn, want híer bij ons woont God. Nee, zegt Jezus, het is juist omgekeerd: jullie moeten erop uit, want overal waar mensen tot geloof komen, dáár woont God. De pijlen naar buiten gericht dus. Zo leert Jezus de apostelen ‘om te denken’ om het eens modern te zeggen. Er is niet meer één volk en er is niet meer één land, maar dankzij Jezus Christus hebben wij door de Geest toegang tot de Vader en zijn we allemaal burgers en huisgenoten van God (Ef. 2:18+19). Vanaf Pinksteren is de belofte: ‘Dan wordt u gezegend met een lang leven in het land dat de HERE, uw God, u geven zal’ (Ex. 20:12b) uitgebreid tot ‘Dan zul het u goed gaan en zult u lang leven op aarde’ (Ef. 6:2).

Met Pinksteren gaan de deuren open. De tijd van afzondering is voorbij. Gods Geest gaat wereldwijd. Gods Woord gaat internationaal. De eerste echte buitenlander die Jezus in geloof als Redder en Heer aanneemt … komt uit Nubië! De kamerling uit Morenland. En daarna volgen er nog velen, want tot aan de uiteinden van de aarde moet iedereen in zijn eigen taal het goede nieuwe over Jezus Christus horen. Zijn Geest maakt onze tongen los: “Prijs de Heer, de weg ligt open tot de Vader, tot elkaar!”

De kerk van Christus – een veelkleurig mozaiek

In Veenendaal heb je Mozaiek0318. Het is een evangelische megakerk, een jaar of zes geleden opgericht door Kees Kraayenoord. Er komen per zondag duizenden kerkgangers de kerkdienst van 9:30 of 11:45. Het zijn er nu zoveel, ook uit de regio Amersfoort, dat de Mozaiek-kerk binnenkort in Bunschoten-Spakenburg een dochtergemeente begint: Mozaiek033. Zo stond het in het Nederlands Dagblad van 8 mei 2018. En in november 2019 kwam het nieuws naar buiten, dat men onderzoekt of er nog dichterbij, in Apeldoorn, een Mozaiek055-gemeente kan worden gestart.

Mozaiek 0318 limerickOp diezelfde 8 mei 2018 zag ik een limerick van Kees van Egmond. Die heb ik via Twitter gedeeld. Want ook al zoek ik graag de breedte als het om samenwerking tussen christenen en kerken gaat, tegelijk heb ik wel wat moeite met de pretenties van sommige evangelische gemeentes. Vooral, omdat ze volgens mij regelmatig het ‘ware geloof’ claimen. Vroeger claimden wij als vrijgemaakten dat we de ‘ware kerk’ waren als GKV. Daar zijn we eindelijk vanaf. Maar bij een aantal evangelische christenen kom ik nu tegen dat ze mij wel accepteren als bijbelgetrouwe predikant, maar tegelijk vinden dat in de traditionele kerken geen levend geloof gevonden wordt. Wanneer één van mijn gemeenteleden lid van hun gemeente wordt, is het Gods leiding geweest dat zo iemand door de contacten met evangelische christenen niet meer in de duisternis ronddwaalt maar eindelijk Christus heeft aangenomen als Heer. Heel de gelovige opvoeding door ouders en de kerkelijke betrokkenheid incl. geloofsbelijdenis telde niet mee. Bovendien moeten katholieken, protestanten en gereformeerden die naar een evangelische gemeente overstappen, zich bijna altijd opnieuw laten dopen. Ze kunnen geen lid van de gemeente worden, maar worden als ‘vriend van de gemeente’ ingeschreven. Soms houdt dat in dat ze niet eens mogen meezingen in de band bv. Dat vind ik extreem exlusief, meer nog dan ons GKV-exclusivisme van vroeger, want wij erkenden andere christenen wel als oprechte gelovigen, al zaten die volgens ons dan in verkeerde kerken.

Verder vind ik het altijd een beetje irritant dat alle beslissingen zo expliciet als ‘leiding van de Geest’ worden betiteld. Een extreem voorbeeld is een andere  megakerk, die van ‘De Doorbrekers’, zo’n 15 jaar geleden. De moederkerk in Voorthuizen (‘Het Kruispunt’ – nu ‘Christengemeente Life’) had het verlangen om een tweede gemeente te stichten. Daar werd intensief voor gebeden, want de Heer moest duidelijk maken in welk deel van Nederland Hij met zijn Geest na Voorthuizen verder wilde doorbreken. En dus werd het in 2005 …. Barneveld, 5 kilometer verderop. Ik denk dan (met de woorden ‘wees nuchter’ van Paulus als voorbeeld): zeg gewoon dat je uit je jasje gegroeid bent en gaat splitsen, en dat je de Heer daar voor dankt.

Hetzelfde heb ik nu een beetje met de Mozaiek-kerk van Kees Kraayenoord in Veenendaal. Ik retweette de limerick omdat er nogal nadrukkelijk sprake was van de Heilige Geest die duidelijk had gemaakt dat het Bunschoten-Spakenburg moest worden. In het ND-bericht staat als letterlijk citaat: Zo “hebben we twee beelden ontvangen die wij ervaren als door God gegeven.” Maar uit de rest van het artikel kreeg ik vooral de indruk: er komen zoveel mensen vanuit de regio Amersfoort, waaronder minstens 80 personen uit Bunschoten-Spakenburg, die elke zondag naar Veenendaal rijden, dat Mozaiek0318 liever een tweede plaats van samenkomst willen zoeken dan een derde dienst in Veenendaal gaan houden. Zeg dan, als je die plek gevonden hebt: ‘We danken God dat we in Spakenburg een mooie lokatie gevonden hebben’ i.p.v. zo nadrukkelijk te zeggen: ‘De Geest heeft ons dit duidelijk en nu gaan we in geloof deze stap zetten’.

Toch heb ik een beetje spijt van mijn snelle retweet. Want op 12 mei 2018 stond er een goed artikel van Miranda Klaver in hetzelfde Nederlands Dagblad met als kop: “Kerkstichting – er is meer dan concurrentie”.  Zij geeft aan, dat evangelische kerken minder in geografische kaders denken dan traditionele kerken. Evangelische kerken gaan veel meer uit van dynamische netwerken waar mensen op basis van een bewuste keuze bij aansluiten. Volgens Miranda Klaver willen dit soort kerken vooral een kerk zijn voor nieuwe gelovigen en willen ze ook een thuis bieden aan gedesillusioneerde gelovigen uit andere kerken.

Als ik het zo inschat, willen veel evangelische megakerken vooral het eerste (nieuwe gelovigen trekken), maar gebeurt vooral het tweede (christenen stappen over). Een kennis van mij die op het Greijdanuscollege lesgeeft  en een keer een dienst van de VEZ in Zwolle bijwoonde zei tegen mij: ‘Ik zie hier allemaal leerlingen met hun ouders die vijf jaar geleden nog lid van een GKV in Zwolle en omstreken waren.’ En ook bij ons in Assen trekt de City Life Church vooral leden die eerst lid van een andere kerk waren (bv. GKV).

Ik heb daar niet zoveel problemen mee. Als mensen overstappen naar een andere kerk omdat men het in de eigen gemeente echt niet vinden kan en ze ervaren daar dat hun geloofsleven weer opbloeit, is dat in principe positief. Wij kondigen in onze kerk zulke overstappen ook niet meer af als een kerkelijke onttrekking, maar geven aan iedereen die lid wordt van welke andere kerk dan ook (van Rooms-Katholiek tot aan de Doorbrekers toe) een kerkelijke attestatie mee.

Mozaiek 0318 foto.jpgWat ik me wel soms wel afvraag is, of een overstap niet meer op grond van emoties genomen wordt i.p.v. uit geloof. En waar ik me echt wel zorgen over maak is het effect op de kinderen van gezinnen die overstappen. Want als je overstapt omdat het in de ene kerk niet meer lukt, is de stap naar een volgende gemeente ook meteen een stuk lager. Een collega vertelde me eens, dat zijn kinderen op een gereformeerde basisschool zaten waarvan meer dan 50% van de leerlingen niet uit de GKV kwam. Dus stond in de adressenlijst achter elk kind ook de kerkelijke gemeente vermeld. Toen zijn oudste kind in groep 8 zat, vergeleek hij de huidige adreslijst met die van groep 1 toen. Hij vond het opvallend dat bijna alle kinderen die toen GKV of CGK achter hun naam hadden staan, dat in groep 8 nog steeds hadden. Maar de helft van de evangelische kinderen zat nu in een andere evangelische gemeente. Als ouders van kerk switchen, stappen kinderen nog makkelijker over. Vaak stappen ze ook uit.

Dat laatste vind ik erg riskant, want het is niet goed dat de mens alleen is, ook niet als gelovige. Als met Pinksteren de Heilige Geest wordt uitgestort, ontstaat er in Jeruzalem een bloeiende gemeente. Die heeft een grote aantrekkingskracht, want de Heer, Jezus Zelf, voegde dagelijks mensen toe aan de kring van hen die behouden wilden worden (vertaling NV51)). Zonder kring van gelovigen gaat het niet. En als mensen telkens overstappen naar die kring die zij het prettigste vinden, vraag ik me wel eens af hoe het zit met de trouw die het ook volhoudt in tijden van moeite. ‘Door dik en dun’ hoor je niet meer zoveel in onze maatschappij, of het nu om huwelijkstrouw of blijvend lid van dezelfde gemeente gaat.

Persoonlijk gaat mijn voorkeur daarom toch uit naar een geografische gemeente. Want dan geef je samen vorm aan het christen-zijn in jouw dorp of stad(swijk). Dat lijkt me beter dan het zoeken van een gemeente waar ik mij het beste thuis voel onder christenen die op dezelfde manier hun geloof beleven. Dat leidt alleen maar tot eenzijdigheden. Naar beide kanten. Dat vind ik jammer. Want we zijn juist allemaal door onze God zo verschillend gemaakt en met verschillende gaven begeesterd, zodat we ons aan elkaar kunnen opscherpen (Spreuken 27:17), ook in het geloof.

Dit waren zomaar wat gedachten n.a.v. het bericht dat Mozaiek0318 een tweede gemeente start met de naam Mozaiek033. Fijn dat ze zo gegroeid zijn en dat die mogelijkheid er is. Er blijven wel wat vragen over. Dat mag. Maar tegelijk zingen we ook in onze kerkdiensten de liederen van Kees Kraayenoord. We zijn immers geen concurrenten van elkaar. We geloven in dezelfde Heer en willen Hem dienen en volgen.

Beginnen bij jou zelf – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 06)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 06

Beginnen bij jou zelf

de Almachtige (2) – Gisteren zagen we dat het een hele geruststelling is dat we mogen geloven in een Almach­tige Vader. En toch… Toch kan dat ook heel moeilijk zijn: als God almachtig is, hoe kan het dan dat mensen elkaar nog zoveel kwaad doen? Waarom doet God daar niets aan?

Op televisie zag ik eens een programma waarin tieners over deze vraag discussieerden. Er was toen een jongen die een heel raak antwoord gaf: ‘God doet écht wel wat aan het kwaad. Kijk maar naar mij. Vroeger was ik echt een rotjochie, maar God heeft mij veranderd…’

Zoiets bedoelt Petrus ook in het gedeelte van vandaag. Hij zegt: vergis je niet, God doet heus wel wat aan het kwaad. Op de allerlaatste dag, als Jezus terugkomt, zal Hij het zelfs helemaal uit­roeien. Dan worden Zijn beloften over de toekomst werkelijkheid, ook al denken veel mensen dat het nooit beter zal worden en dat Jezus nooit zal ingrijpen.

Wees maar blij, zegt Petrus, dat God dat nu nog niet doet. Want hoe zou jij er dan voor staan…? God stelt het expres uit, om jou de gelegenheid te geven je te bekeren. Moet God wat aan het kwaad doen? Laat Hem beginnen bij jou zelf…

Lezen: 2 Petrus 3:3-9

Wat zou je over dit gedeelte aan je beste vriend(in) willen vertellen? Bedenk dat je in ieder geval voor hem of haar kunt bidden!

Wie bidt, ontvangt – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 05)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 05

Wie bidt, ontvangt

de Almachtige (1) – Soms lijkt het of alles tegenzit. Op school gaat het niet lekker, je raakt misschien je zaterdagbaantje kwijt; en alsof dat niet ge­noeg is, is je oma óók nog ziek geworden. En kon je er nu maar iets aan veranderen, maar vaak voel je je zo mach­te­loos.

Alhoewel, soms kan het helpen als je goede contacten hebt. Stel bijvoorbeeld dat je oom bevriend is met de afde­lingschef van je zaterdagbaantje, en dat hij wel een goed woordje voor je wil doen… Dát zou na­tuurlijk fantastisch zijn, want die chef gáát er ten­slotte over.

Als je het zó bekijkt, kun je zeggen dat we er eigenlijk heel goed voor staan. Want welk probleem we ook hebben, we hebben altijd een adres waar we terecht kunnen: de Here God. Over Hem geloven we dat Hij de Almachtige is die echt over alles gaat. Hij heeft bovendien beloofd dat Hij als een Vader voor ons zal zor­gen en dat Hij luistert naar elk gebed. Betere contac­ten kun je toch niet hebben?

Dat is een hele geruststelling, óók als God de situa­tie niet verandert. Want wie bidt, ontvangt altijd. Mis­schien is het niet wat je wilde, maar ook dán zorgt God voor je. Vraag me niet hoe het dan zit als je tóch dat baantje verliest. Ik weet alleen zeker dat ook dan waar is wat in het bijbelgedeelte van vandaag staat.

Lezen: Lukas 11:9-13

Jezus zegt niet dat als je om een vis vraagt, je ook een vis krijgt. Let er bij het lezen op wat Hij wél belooft! 

Hij houdt van je! – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 04)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 04

Hij houdt van je!

de Vader – Prins Charles van Groot-Brittannië heeft een hele rij officiële en indrukwekkende titels: Prins van Wales, Hertog van weer-wat-anders, Graaf enz. En misschien wordt hij ook nog eens Koning. Wie hem te­gen­komt, zegt dus altijd heel beleefd: ‘Zijne konink­lijke hoog­heid’. Behalve natuur­lijk als je toevallig prins William of prins Harry bent. Dan zeg je gewoon: ‘Hi, dad…’

Laten we dit voorbeeld nu eens toepassen op God. God is natuurlijk oneindig veel groter en indrukwekkender dan prins Charles. Zó indrukwekkend dat je Hem alleen maar met trillende knieën onder ogen kunt komen. Stel het je voor: je zou diep buigen, Hem niet eens aan durven kijken en… hoor je het goed? Wat zegt God daar? ‘Marja, Johan, kom eens dichterbij. Ik vind het fijn als je Me gewoon ‘Va­der’ noemt.’

Onbegrijpelijk toch? Daar kun je met je verstand niet bij – dat die ontzettend grote en machtige God jouw Vader wil zijn! Hij wil niet dat je Hem ziet als een politieman, of als een afstandelijke president, maar als Vader. Hij houdt van je!! Misschien kun je het je niet eens voorstellen, als je eerlijk naar jezelf kijkt. Toch mag je het echt geloven – zeker weten!

Lezen: Psalm 103:8-13

Liefdevol, genadig, geduldig, trouw, vergevingsgezind – zó is God de Vader voor jou. Vertel Hem eens wat je daarvan vindt!

De eerste plaats – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 03)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 03

De eerste plaats

in God – Het verhaal maakte op mij grote indruk. Toen ik voor m’n werk een keer in India was, vertelde een 18-jarige jongen me dat hij vier jaar geleden tot geloof in Jezus was gekomen. Sinds die tijd had hij het thuis erg moeilijk. ‘Mijn ouders willen dat ik het geloof in Jezus opgeef. Ik kan krijgen wat ik wil, als ik Jezus maar verlaat. Maar dan zeg ik: ‘Jezus is alles voor me. Als jul­lie me wegsturen, zal ik gaan, maar ik geef Jezus niet op.”

Waarom wilde deze jongen niet doen wat zijn ouders van hem vroegen? Omdat hij geloofde in God. Dat wil zeggen: de God van Israël die heeft ge­zegd: ‘Vereer naast Mij geen andere goden’ (Ex. 20:3). Meedoen met de afgoden van zijn ouders, dat wílde deze tiener dus niet meer. Zelfs niet als hij daardoor alles zou kwijtraken…

Gelukkig is het voor ons makkelijker om in God te geloven. Alhoewel…, soms moet jij óók kiezen. Waarschijnlijk niet tussen je ouders en God.  Maar misschien wél tussen je vrienden en God, of je pleziertjes en God. En voor wie kies je dan?

‘Ik geloof in God’ betekent: ik geloof niet in mijn muziek, of in mijn vrien­den, of in me­zelf, en zelfs niet in mijn ouders, maar alléén in God. Want er kan er maar één op de eerste plaats staan!

Lezen: Mattheüs 10:32-37

Die jongen uit India hield ontzettend veel van zijn ouders. Wat zou hij van dit bijbelgedeelte gevonden hebben? Wat vind jij ervan?

Is het wel echt waar? – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 02)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 02

Is het wel echt waar?

Ik geloof (2) – ‘En als het nu eens allemaal níet waar is, wat er in de Bijbel staat?’ Misschien schiet die gedachte bij jou óók wel eens door je hoofd. ‘Waarom zouden alleen wíj gelijk hebben?’ En: ‘Soms klinkt het zo onwaarschijnlijk…’ Dan kun je het eigenlijk niet geloven. Je twijfelt.

Nu komen twijfels bij de meeste christenen voor; bij mij in ieder geval wél. Zelfs heel sterke gelovigen kunnen opeens gaan twijfe­len. Eigenlijk is dat niet eens zo vreemd, want dat wil de duivel natuurlijk. Zo is zijn tactiek: hij probeert altijd mensen van het geloof af te houden. Als je dat weet, hoef je er dus niet eens meer zo van te schrikken als je twijfelt.

Het heeft er ook mee te maken dat geloven iets is wat je moet leren. Je kunt nooit zeggen: ‘Ik geloof, en nu ben ik daarmee klaar.’ Het geloof moet altijd groeien, ster­ker worden.

Daarvoor heeft de Here God verschil­lende middelen gegeven. Bijvoorbeeld een Boek vól met bewijzen voor het ge­loof. En ook dat je contact kunt hebben met andere christe­nen, en naar de kerk kunt gaan. Op die manier is zelfs Tomas zijn twijfels kwijtgeraakt…

Lezen: Johannes 20:24-31

Stel je voor dat jij bij deze gebeurtenis aanwezig was geweest. Hoe zou jíj gereageerd hebben?

 

Onbegrijpelijk … – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 01)

ZO IS DAT!

Veel jonge christenen doen tussen Pasen en Pinksteren belijdenis van hun geloof in Jezus Christus. Ze zeggen ‘JA’ tegen de drie-enige God van hun doop en stemmen in met de kernstukken van het christelijk geloof zoals de hele christelijke kerk die al eeuwen verwoord in de Apostolische Geloofsbelijdenis (ook wel de Twaalf Artikelen genoemd).

Herman van Wijngaarden - Zo is datAl een tijdje geleden kwam ik het piepkleine boekje ‘Zo is dat! tegen (12 bij 14 cm). Daarin legt Herman van Wijngaarden aan jongeren in 30 korte stukjes uit waar het in de Twaalf Artikelen om gaat, incl. een bijbelgedeelte en een nadenkertje. Met zijn toestemming mag ik de komende weken deze stukjes publiceren.

Ik hoop dat je het waardeert, of je nu belijdenis gaat doen, net gedaan hebt of je nog steeds na al die jaren als belijdend lid van Christus’ kerk graag opnieuw laat verrassen door een nieuwe, frisse kijk op de Twaalf Artikelen.

Dag 1

Onbegrijpelijk…
  
Ik geloof (1) – De eerste woorden van de Apostolische Geloofsbelijdenis zijn direct al heel belangrijk. Er staat: ‘Ik geloof‘. En niet bijvoorbeeld: ‘Ik begrijp‘. Veel mensen zeggen: ‘Ik kan niet geloven, want ik begrijp niet waarom…’ Of: ‘Ik begrijp niet hoe…’ Maar door zo te denken, maken ze een grote fout. God vraagt niet dat we Hem begrijpen; dat kán ook helemaal niet. We hoeven alleen maar tegeloven. Als Hij het zegt, ís het zo.

Er staat óók niet: ‘Ik weet‘. Bijvoorbeeld: ‘Ik weet dat God bestaat’. Want wat heb je daaraan? Kijk, mis­schien weet ik dat de dokter me beter kan maken. Maar als ik niet naar hem toe ga, word ik echt niet beter. Ik moet hem vertrouwen en doen wat hij zegt, ook al begrijp ik hem niet. Met gelo­ven is het precies zo. Dat is niet alleen dat je iets weet over God, het is ook dat je Hem ver­trouwt – wat Hij ook tegen je zegt of van je vraagt.

Wil je weten wat geloven is? Op water gaan lopen, als Jezus zegt dat je dat kunt. Het is: tóch bidden als het niet verder lijkt te komen dan het plafond. Geloven is: de Here God danken dat Hij álles van je weet (ook dat ene…) en tóch van je houdt. Inderdaad onbegrijpelijk – en toch is het zo!

Lezen: Matteüs 14:22-33

Wat denk je dat God je vandaag door dit bijbelgedeelte wil zeggen? 
Wat zou je Hem zelf erover willen zeggen of vragen?