“Het is heel, heel erg” – de CGK dreigt van bovenaf te scheuren

Eens trok er een scheur van bovenaf waardoor mensen in hun geweten vrij gezet werden voor God door het bloed van het Lam.

Nu dreigt er van bovenaf een scheur door de Christelijke Gereformeerde Kerken getrokken te worden omdat een minderheid binnen de CGK de gewetens van alle plaatselijke kerken wil binden aan hun eigen visie op wat wel of niet bijbelgetrouw gereformeerd is. Men is zelfs bereid om daar de eenheid van het kerkverband en het voortbestaan van het prachtige zendingswerk en de Theologische Universiteit te Apeldoorn voor in de waagschaal te stellen.

Het zou van moed getuigen wanneer deze minderheid met een zuiver geweten vrijwillig het CGK-kerkverband verlaat en zelfstandig verder gaat of zich aansluit bij de Hersteld Hervormde Kerk.

Dat de CGK in een diepe crisis verkeerd is al jaren duidelijk. De kwestie van vrouwen in de ambten is daarbij het springende punt. De vorige synode bevestigde in 2022 met 2/3 meerderheid het synodebesluit van 1998 dat op basis van de Bijbel het ambt van predikant, ouderling en diaken voor vrouwen niet openstaat. Maar in tegenstelling tot de synode van 1998 voegde ze daar de oproep aan toe om als kerkverband “vermaan (vanwege zonde tegen ten diepste de liefde) toe te passen als kerken op het gebied van ‘vrouw en ambt’ eigen wegen gaan.”

Met name deze laatste uitspraak zorgde ervoor dat 46 van de 181 CGK-kerken (en 3 CGK-gemeenteleden) een revisieverzoek indiende bij de huidige synode. Die wees op 29 januari 2025 met 31 tegen 18 stemmen alle revisieverzoeken over ‘vrouw en ambt’ af.

Ik denk dat de synode kerkrechtelijk een beslissing nam die je deels kunt verdedigen. Eén van de twee voorwaarden om een synodebesluit te herzien is namelijk: er moeten nieuwe argumenten aangedragen worden. En die waren er niet. Alle voors en tegens zijn in 2022 al gewogen. Een andere weging van de argumenten op een volgende synode is geen  reden om tot een ander besluit te komen. Want dan zou de willekeurige samenstelling van een volgende synode bepalen of besluiten gehandhaafd of veranderd worden. Dat is kerkelijke jojo-beleid en geen geestelijk leidinggeven. Een andere vraag die terecht gesteld wordt is, dat die 50 revisieverzoeken wél behandeld hadden moeten worden omdat er inhoudelijke bezwaren ingebracht zijn tegen de synode-uitspraak. Dat is volgens de CGK-kerkorde een tweede voorwaarde om een revisieverzoek te mogen indienen. Dat aspekt is, als ik CGK-er J.R. Bügel, jurist en advocaat, geloven mag (klik hier), ten onrechte door de synode helemaal niet meegewogen in het afwijzen van de revisieverzoeken.

Maar … en dat is wat een diep bedroefde collega uit het midden van de CGK mij mailde: deze redenering over revisieverzoeken zal wellicht formeel kloppen. Maar formalisme is het laatste dat nu nodig is. Als meer dan een kwart van de kerken (46 van de 181) een revisieverzoek indient en zich dus kennelijk niet gehoord acht in het genomen besluit ben je onverstandig als je dat gesprek blokkeert met een beroep op de regeltjes van het kerkrecht.

Ik snap dat. Zeker als je weet dat in 2024 maar liefst 179 van de 181 CGK-kerken bij elkaar kwamen en ongeveer 120 “CGK-kerkenraden elkaar meer ruimte wil geven, desnoods ook om vrouwen in het ambt van diaken of ouderling te hebben” en er dus “minstens twee keer zo veel kerkenraden voor meer vrijheid in het kerkverband zijn dan dat daar kerkenraden tegen zijn.” (RD 24-04-2024).

Toch snap ik wel dat de revisieverzoeken zijn afgewezen. Maar dan moet je als synode jezelf wel de volgende vraag stellen: hoe bewaren we de eenheid als we weten dat 2/3 van de kerken elkaar wil vasthouden, terwijl wij als synode met 2/3 uitspreken dat plaatselijke kerken die vrouwen in het ambt bevestigen vermaand moeten worden vanwege hun zondige besluiten?

Daarom was voor velen het volgende agendapunt op de synode nog spannender: is een synode die dit uitspreekt bereid om 2/3 van de plaatselijke kerken die er anders over denkt, te verdragen of is men bereid om van bovenaf een scheur te trekken waar slechts 1/3 van de plaatselijke kerken toe oproept?

De kritiek van vele synodeleden op het voorstel om tot twee soorten classes te komen en de eis die het synode-bestuur vooraf stelde dat er een draagvlak van 80% moest zijn voor dit voorstel doen het laatste vermoeden. Geen wonder dat de commissie die met deze mogelijke oplossing om een kerkscheuring te voorkomen dit voorstel introk. Niemand die weet hoe het nu verder moet.

“Het is heel, heel erg. De Here moet zich over ons ontfermen en ons bekeren van onze dwaasheid.” Dat was het gevoelen van mijn CGK-collega.

Hoe kon het zover komen? Al veel langer leeft binnen de CGK-kring het gevoelen “dat de afgevaardigden naar de synode ‘rechtser’ zijn dan de Christelijke Gereformeerde Kerken als geheel” (ND 24-04-2024), of, zoals het RD van 24-04-2024 dat n.a.v. het CGK-convent onder woorden bracht: “Zie je wel, die generale synodes van ons geven geen representatief beeld van hoe er in de breedte van onze kerken over gevoelige thema’s gedacht wordt.”

Ik denk dat deze constatering klopt. En wat, helaas, steeds duidelijker wordt: de rechterflank van de CGK ligt op ramkoers en is bereid om de eenheid van de CGK op te offeren voor de eigen overtuiging die ze aan alle plaatselijke kerken wil opleggen. Ik was er vorig jaar al bang voor – zie mijn blog.

Daarmee brengt dit smaldeel niet alleen de kerken die vóór de vrouw in het ambt zijn in gewetensnood (ongeveer 1/3 van de CGK), maar ook de zogenaamde ‘middenkerken’ die zelf geen vrouwen in het ambt kennen, maar elkaar als kerken wel willen vasthouden (ook ongeveer 1/3 van de CGK). De rechterflank spreekt vooral over eigen gewetensnood vanwege aantasting van het Schriftgezag binnen het kerkverband door andere voorgangers en kerken. Men doet dat met een onterecht en door eerdere CGK-synodes afgewezen beroep op art. 32 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Merkwaardig is daarbij trouwens, dat binnen diezelfde rechterflank men wel kanselruil toestaat met predikanten uit de Gereformeerde Bond en dus zelf voorgaat in de Protestantse Kerk – een kerkverband waar zelfs de meest vrijzinnige opvattingen over het lijden en sterven van onze Heer en Heiland verkondigd mogen worden. Een merkwaardige inconsequentie.

Hoe moet het nu verder binnen de CGK als de rechterflank bewust op het ravijn afkoerst? Het synodebestuur komt over een paar maanden met een plan om een ongecontroleerd uiteenvallen te voorkomen. Ik hoop dat het in de lijn ligt van het voorstel van ds. Arjan Witzier in 2022 lanceerde en dat veel lijkt op het federatieve kerkmodel dat wijlen prof. W. van ’t Spijker ooit lanceerde: twee deelsynodes ‘licht’ en ‘zwaar’ die samen regelmatig op een landelijke synode besluiten nemen over de gezamenlijke verantwoordelijkheden zoals het zendingswerk, de Theologische Universiteit, de emeritkas, de kerkelijke rechtspraak en het gereformeerde karakter van de kerken. Ook binnen de huidige CGK-synode kwamen ds. W.E. Klaver, oud. J. Mauritz en ds. G.J. Post met een vergelijkbaar voorstel. Ik ben alleen zo bang, dat daar in de rechterflank geen draagvlak meer voor is.

Het zou van moed getuigen wanneer de rechterflank met een zuiver geweten vrijwillig het CGK-kerkverband verlaat en zelfstandig verder gaat of zich aansluit bij de Hersteld Hervormde Kerk.

De 2/3 meerderheid van CGK-kerken die de eenheid wil bewaren kan dan samen verder. Het alternatief is een rampzalige kerkscheuring waarbij niet alleen kerken, maar ook complete classes en misschien wel een particuliere synode uit het kerkverband gezet worden. Dat gebeurde in de jaren ’60 in onze eigen NGK-kerken. Gevolg: 25% van het kerkvolk en 40% van de predikanten raakte ‘buitenverband’, maar slechts een klein deel van hen stapte over naar de toen steeds vrijzinnig wordende synodaal-gereformeerde kerken. Want, zoals meestal, liep de breuklijn niet langs de principiële lijn, maar langs de lijn van de tolerantie. Het duurde 56 jaar voordat in 2023 de breuk van 1967 hersteld werd.

De schade binnen de CGK bij een harde scheuring zal, vrees ik, nog groter zijn wanneer op een volgende synode de rechterflank weer oververtegenwoordigd is én op ramkoers blijft liggen. Dan wordt met meerderheid van stemmen 2/3 van de Christelijke Gereformeerde Kerken uit het kerkverband gezet.

Een scheur van bovenaf. Quis non fleret – wie zou dan niet wenen?

Terwijl die andere scheur van bovenaf Gods kinderen in hun geweten vrij zet door het bloed van het Lam.

Laat er, binnen en buiten de Christelijke Gereformeerde Kerken, veel gebeden worden om wijsheid van Boven.

9 thoughts on ““Het is heel, heel erg” – de CGK dreigt van bovenaf te scheuren

  1. Ernst dank voor je uiteenzetting over deze trieste ontwikkeling. V.w.b. de problematiek in de CGK:

    Na ongeveer 2000 jaar wordt er in een deel van de CGK (ineens) anders gedacht over zusters in het (regeer- en predik) ambt en acceptatie gelijkgeslachtelijke praxis incl. het zgn. homohuwelijk.  Alle CGK kerken zijn gebonden aan de aanvaarde kerkorde. Dat betekent o.m. dat men GS uitspraken voor vast en bondig houdt; zeker na bezwaar, revisie en de aangewezen appelprocedure. Een deel van de CGK kerken houdt zich evenwel niet aan deze afspraken waaraan men zich gebonden heeft In het kerkverband. Dat betekent dat deze gemeenten c.q. kerkenraden zich de facto aan het kerkverband onttrokken hebben. Je kan heel ingewikkeld doen om elkaar ‘cosmetisch’ nog vast te houden, maar de breuk is feitelijk al getrokken door de kerkenraden die zich blijvend niet houden aan hetgeen is overeengekomen. Laten deze kerkeraden ‘vertrekken’ naar de ruimte elders. Dat is m.i. de beste oplossing en voorkom je nog meer geestelijke ellende. 

    • Helemaal met je eens Piet. Vertrekken met een nieuwe naam als CGKR: Christelijk Gereformeerde Kerk met Ruimte. Het geeft aan dat er ruimte is voor verschil in Interpretatie binnen een gereformeerde identiteit. Het vergroot de kern van de gereformeerde theologie, maar zonder strakke uniformiteit af te dwingen.

  2. De Gereformeerde Bond en de PKN kan je niet met elkaar vergelijken. De GB is een stroming binnen de PKN en kent geen vrijzinnigheid en ook geen vrouwen in het ambt. De PKN wel. Daarom snap ik wel dat de rechterflank dominees van de CGK voor kunnen gaan in de GB. Uw conclusie gaat dus scheef.

  3. De CGK dreigt niet te scheuren, de CGK is gescheurd. Wanneer de ene partij de andere partij nep-christenen gaat noemen, wat vrijdagmorgen is gebeurd, dan moet je tot de slotsom komen dat je de CGK beter kunt opheffen. De lokale gemeenten kunnen zich dan aansluiten bij een kerkverband dat past bij hun geloofsbeleving. Op de oude voet verdergaan wordt, volgens mij, niemand beter van. Nog weer met elkaar in gesprek gaan heeft geen zin. Bij compromissen blijft er altijd onvrede hangen. Ik kreeg de indruk dat de voorzitter van de synode, ds. Buis, ook tot deze slotsom was gekomen, gezien zijn emoties bij de sluiting. Uit elkaar gaan, om verdere schade te beperken, lijkt mij daarom de beste oplossing.

  4. Hoi Ernst,

    Ik zie alleen een scheur van onderaf.

    De Almachtige scheurt dit niet van Boven, mensen doen dat hier beneden van onder af, en in enkele duizendjaren al vele keren…

    Maar gebed om Wijsheid van Boven èn Eenheid Beneden is zeker op z’n plaats, van binnen èn buiten kerkmuren.

    Met vriendelijke groet,

    Johan Schaap

  5. Als lid van één van de CGK’s uit het midden durf ik wel te stellen dat een flink deel van deze zgn. middenkerken niet zit te wachten op een kerkverband samen met alleen de progressieve kerken zonder de behoudende kant.

    De progressieve kerken laten keer op keer zien synodeafspraken te laten voor wat ze zijn. In het midden leeft toch meer ‘laat uw ja ja zijn’. Deze twee samen in een kerkverband zetten zal niet leiden tot de gewenste rust.

    Voor de middenkerken zijn er ook grenzen.

  6. Bedankt voor deze interessante analyse op de (dreigende) kerkscheuring binnen de CGK. Zelf ben ik lid van een CGK middengemeente. Onze gemeente heeft voorafgaand aan het convent zich uitgesproken om elkaar vast te houden, ondanks de verschillen. Eenheid boven leerstelligheid. Tegelijkertijd vind ik uw conclusie daaruit opvallend. Laat helder zijn: de midden gemeente willen geen vrouwen in het ambt. Het doet ons pijn om te zien dat de linkerflank al zolang hier heibel over maakt.

    U zegt dat de rechterflank op ramkoers is en dat zij uit het kerkverband moeten stappen. Maar is dat niet de wereld op zijn kop? De linkerflank houdt zich niet aan de afspraken. De rechterflank (en het midden) heeft enkel gewezen op de gemaakte afspraken.

    Waarom de linkerflank niet uit het kerkverband wil stappen en zich aansluiten bij de NGK is voor mij onbegrijpelijk. Juist deze linkerflank is op ramkoers en wil kosten wat het kost hun zin doordrukken, terwijl herhaaldelijk is gebleken dat de meerderheid van de CGK het niet met hen eens is. Dan moet je toch je knopen gaan tellen?

    Als de linkerflank zich aansluit bij de NGK zou dat voor mij niet voelen als een kerkscheuring. Maar als een voortzetting van de keuze die zij in feite al jaren eerder hebben gemaakt door de samenwerking met NGK gemeenten aan te gaan. Alleen dan kan de CGK in rust verder blijven bestaan. Midden en de linkerflank in één kerkverband houden zonder de rechterflank zorgt er voor dat de heibel alleen nog maar langer voortzet vrees ik. Want zoals Jaco van Leeuwen terecht opmerkt, ook voor de middengemeenten zijn er grenzen. Die eigenlijk al gepasseerd zijn..

    Juist als de rechterflank het kerkverband verlaat zou dat een kerkscheuring zijn. Zij zijn in feite weggejaagd uit hun eigen kerkverband op oneigenlijke gronden.

    Laat helder zijn: als CGK’er uit het midden heb ik het liefst dat iedereen bij elkaar blijft. Zoals de PKN ook een grote verscheidenheid heeft. Maar als het erop aankomt, vind ik dat de linkerflank zelf duidelijk heeft gekozen voor een andere koers.
    Waarom is het zo’n taboe om de linkerflank te vragen zich bij de NGK aan te sluiten?

    • Goed verwoord, Mirjam!

      CGK’ers die vóór vrouw in het ambt zijn en die homoseksuele relaties binnen de kerk goedpraten: er zijn zoveel kerken, die dat ook vinden. Ga daar opgewekt naar toe i.p.v. de boel van binnenuit op te hitsen en druk te leggen op CGK’ers die behoudend zijn. Ook binnen de NGK zullen deze ruimdenkende CGK’ers zich prima kunnen thuisvoelen. Keuze genoeg, zou ik zeggen, qua gelijkgestemde kerken.

      Verder vind ik het bepaald niet positief dat NGK-dominee Leeftink zich meent te moeten uitspreken over CGK’ers die behoudend zijn. En die ‘daarom’ op zoek zouden moeten naar een ander behoudend kerkverband. Waar bemoeit hij zich mee? In zijn eigen kerkverband zijn er al kwesties genoeg die alle aandacht vragen. Deze ongepaste bemoeizucht is voor mij en mijn man een reden te meer om samenwerking met de NGK op afstand te houden. We waren al kritisch als ex-vrijgemaakten, maar door zo’n artikel van een NGK-dominee worden we dat nog meer.

      Zegen en trouw gewenst aan álle voorgangers en professoren, die trouw willen blijven aan Gods Woord. Die weigeren de Bijbel ‘anders’ te gaan lezen. En die Góds Woord, naar Zijn wil, willen doorgeven in kerken en gemeenten. De vijandschap zal toenemen, ook van binnenuit, maar op trouw en volharding rusten zegen. Gods Geest werkt machtig en krachtig.

      • Beste Jannita,

        ik sympathiseer zeker met uw overwegingen, sta er inhoudelijk net zo in als u, en ik denk ds. Ernst Leeftink ook. Het decentrale gereformeerd-kerkrechtelijke punt is alleen, dat conform onze Formulieren van Enigheid iedere gelovige opgeroepen wordt om de eigen lokale kerkgemeenschap te verlaten als die vals is geworden, en een nieuwe kerkelijke gemeenschap lokaal op te richten. Als er ergens een lokale kerkgemeenschap door uitblijvende tucht over leer en leven dermate zwaar aangetast is door linkse wolven in schaapskleren, om met Christus en Hendrik de Cock te spreken, dat er zulke verwerpelijke standpunten over de vrouw in het ambt en het aanvaarden van openlijke homoseksualiteit gemeengoed zijn geworden, dat is het de plicht voor iedere ware christen om die valse kerkgemeenschap de rug toe te keren en een nog wel rechtzinnige gemeente op te zoeken in de eigen omgeving, of anders zelf op te richten. De Geest waait waarheen Hij wil. 

        met broederlijke groet,

        Rafael Benjamin      

Plaats een reactie