-als christen stemmen of christelijk stemmen–
Afgelopen maandag was ik op weg naar Amsterdam en maakte een tussenstop bij Goedhart in Zwolle. Daar zag ik het boekje Met God naar de stembus! liggen. De schrijfster, Karin de Geest, laat daarin 11 politici aan het woord uit de 9 verschillende partijen die al langer in de Eerste of Tweede Kamer zitten. Alleen D66 heeft geen christenen in beide fracties, dus daarvoor is een partijlid geïnterviewd.
Karin de Geest laat eerst zien, dat er goede redenen zijn om je juist als christen met politiek bezig te houden. Namelijk: 1. De politiek bemoeit zich ook met jou (dat spreekt voor zich J); 2. God is politiek actief (Jozef in Egypte, Esther en Daniël in Babel/Perzië, Johannes de Doper, Jezus en Paulus spreken zich uit over politiek); 3. De politiek is een cadeautje van God (‘de overheid is ingesteld door God’ – Romeinen 13:1); 4. Voor naastenliefde heb je politiek nodig (‘Moge de koning recht doen aan de zwakken, redding bieden aan de armen, maar de onderdrukker neerslaan’ – Psalm 72:4); 5. Licht van de wereld (die opdracht uit Matteüs 5:14 geldt ook in de politiek); 6. Politiek heeft nut (God gebruikt in de Bijbel vaak kleine, invloedloze personen voor grote veranderingen).
In het tweede hoofdstuk laat ze zien dat christelijke politiek niet betekent dat je elk politiek standpunt rechtstreeks op de Bijbel kunt baseren. Daarom zijn christenen het niet altijd met elkaar eens en zijn ze zelfs niet allemaal lid van een christelijke partij. Want politiek gaat niet alleen over abortus, zondagsrust en homohuwelijk. De Bijbel spreekt over veel meer onderwerpen: armoede, vreemdelingen, oorlog, veiligheid, zorg voor de schepping en nog veel meer. Christelijke politiek is veel breder dan mensen vaak denken. Daarom zijn christenen die actief zijn in de politiek ook niet in te delen in ‘links’ of ‘rechts’.
Hoofdstuk drie is gewijd aan de vraag of je als christen het beste met je persoonlijke overtuiging in de politiek actief kunt gaan of dat je dat beter samen met andere christenen in een christelijke partij kunt doen.
In de volgende vijf hoofdstukken komen de volgende thema’s aan de orde: * abortus, euthaniasie en voltooid leven; * armoede en de verzorgingsstaat; * vreemdelingen en asielzoekers; * milieu en klimaat; * de christelijke identiteit van Nederland. Elke keer geeft de schrijfster de standpunten van de christenpolitici van CDA, ChristenUnie, D66, GroenLinks, PvdA, Partij voor de Dieren, PVV, SGP, SP en VVD weer en geeft zelf hele goede samenvattingen.
In haar laatste hoofdstuk komt ze tot de conclusie dat onder christenen die politiek aktief zijn, drie onderwerpen vaker terugkeren, namelijk: A) mag je vanuit de Bijbel dingen verbieden of moet je burgers zoveel mogelijk vrij laten in hun keuzes? B) Zijn de bijbelse principes over hoe we om moeten gaan met onze naasten alleen bedoeld voor onze persoonlijke contacten of gelden die ook voor de overheid? C) Roept de Bijbel ons op om vooral goed voor je eigen bevolking te zorgen of ook voor mensen en problemen in de rest van de wereld?
Wat mij opvalt in het boekje is, dat Karin de Geest heel eerlijk alle christelijke politici aan het woord laat komen, maar dat ze zelf tussen de regels door het meeste sympathie heeft voor de mening, dat je als christen het beste tot je recht komt in een christelijke partij. “Want in een christelijke partij gaat het om je diepste drijfveren” citeert ze Gert-Jan Seger van de ChristenUnie. Er zijn namelijk wel degelijk onderwerpern waar een groot deel van de christenen hetzelfde over denkt: de bescherming van het leven van vóór de geboorte, in de diepste dalen en tot in de aftakeling van de ouderdom; het belang van godsdienstvrijheid voor alle Nederlanders en minderheden wereldwijd; de waarde van het gezin en de gelijkwaardigheid van alle mensen. Met die christelijke waarden kun je op onderdelen goed samenwerken met niet-christelijke partijen.
Karin de Geest laat ook zien dat de drie christelijke partijen ook een prima alternatief vormen voor de andere partijen. De ChristenUnie ligt qua standpunten vaak wat dichter tegen de linkse, meer sociale partijen als SP, GroenLinks en PvdA aan, het CDA neemt een positie in rechts van het midden en is daarmee een goed alternatief voor D66, terwijl de SGP een goed rechts-christelijk alternatief is voor de rechts-liberale VVD en de rechts-nationalistische PVV.
Je kunt dus heel bewust en openlijk christelijk stemmen of meer verborgen op een niet-christelijke partij. Ik denk dat het beter is om het eerste te doen. Want op onderdelen kun je de bijbelse normen en waarden niet hoog houden bij de niet-christelijke partijen. Dus zou je als juist als overtuigde christen niet strategisch moeten stemmen, maar op grond van je principes (zoals Arjen Lubach op zondag 5 maart weer eens heel goed duidelijk maakte). Qua politieke ligging heb je keus uit drie christelijke partijen, twee expliciet Bijbels (ChristenUnie en SGP) en één wat meer vanuit algemeen christelijke principes (CDA). Oftewel, om af te sluiten met een duidelijke stelling:
Als je als christen niet op een christelijke partij stemt, moet je ook niet klagen dat Nederland steeds minder christelijk wordt.
daar niet voor. Daar zijn twee redenen voor. De eerste werd heel goed door Buma van het CDA verwoord: Turkijke moet niet doen alsof de Turken die hier in Nederland wonen, nog Turken zijn. Het zijn Nederlanders met een Turkse achtergrond en vaak nog een Turkse nationaliteit. En als Turkse Nederlander moet je het ook niet willen, dat het land van je verleden nog invloed op je wil uitoefenen. Verder vind ik zelf dat een ander land best z’n eigen burgers in het buitenland actief mag benaderen als er verkiezingen zijn. Niemand had het een probleem gevonden als Hillary Clinton en Donald Trump naar Nederland waren gekomen om de Amerikaanse expats toe te spreken. Maar hier gaat het over iets anders, namelijk een staatsoffensief van een enge man die de absolute macht naar zich toe probeert te trekken. Een enge man die ontkent dat in Turkije 100 jaar geleden 20% van de bevolking (namelijk alle Armeense, Assyrische en Griekse christenen) met geweld zijn verdreven en vermoord d.m.v. een echte genocide; een enge man die permanent oorlog voert met de 10% van zijn eigen bevolking die tot de Koerden behoren; een enge man die bezig is de seculiere Turken al hun vrijheden te ontnemen; en een enge man die alle religieuze Turken die het niet met hem eens zijn als terroristische Gülen-aanhangers uit hun functies ontslaat en zonder vorm van proces in de gevangenis gooit. Zo’n persoon moeten we in Europa niet de gelegenheid geven om door middel van een staatsoffensief op buitenlandse bodem nog meer macht naar zich toe te trekken. Zeker niet als hij het in z’n hoofd haalt om het huidige Duitsland van nazi-praktijken te beschuldigen. Ik zie eerder parallelen tussen het huidige Turkije en nazi-Duitsland: via verkiezingen komt er iemand aan de macht die het land totaal verdeelt en in een enorm gewelddadige crisis stort. Daarom vind ik Erdogan een enge man, om wie je soms maar beter lachen kan: 
Republikeinen. Conservatief: men is erg gehecht aan individuele vrijheden en verworvenheden en heeft daarom een gloeiende hekel aan teveel invloed van de overheid op allerlei persoonlijke keuzes. En vanuit ethisch oogpunt: de Democraten staan bekend als super-liberaal wanneer het gaat om abortus, want ze staan het toe tot in de negende maand van de zwangerschap.
Op 13 september nam de Tweede Kamer een nieuwe orgaandonatiewet aan. Wie de moeite niet wil nemen om zich te laten registreren, wordt onder deze nieuwe wet genoteerd als iemand die ´geen bezwaar´ heeft tegen het doneren van zijn of haar organen na overlijden. Vandaag meldden het dagblad Trouw en het NOS-journaal dat in de drie-en-halve week na dit besluit al zo’n 100.000 Nederlanders zich hebben laten registreren in donorregister.
Even voor de duidelijkheid wat cijfertjes.
Zonder de 22.000 Nederlanders die in mijn optiek allemaal Dik heten en samen de familie Ego vormen, en die als Dikke Ego’s allemaal hun eigen autonome keus belangrijker vinden dan de lange wachtlijsten die er nog steeds zijn, zou het aantal registraties net boven de 6 miljoen zijn uitgekomen.
Dus ben ik blij met dit besluit van de Tweede Kamer. Wie niks laat weten, geeft aan ‘geen bezwaar’ te hebben. Dat is wat anders dan ‘ja’, maar het is voor de nabestaanden een teken dat iemand tijdens zijn leven geen grote moeite met orgaandonatie had, anders had hij/zij wel ‘nee’ laten registreren. Dat hebben binnen een maand na 13 september al bijna 100.000 Nederlanders gedaan. Dat vind ik dus een goede zaak. Beter eerlijk ‘NEE’ dan de zaak op z’n beloop laten.
“Waar was jij op de dag dat Groot-Brittanië uit de EU stapte?” Zou dat over 10 jaar net zo’n vraag zijn als: “Waar was jij op 9/11 toen twee vliegtuigen zich in de Twin Towers boordern? of is al die vreugde of droefenis over de Brexit een hype? Hoe dan ook: ik was in Londen op donderdag 23 juni 2016 en hoorde daar op vrijdagmorgen ‘live on television’ de toespraak van Cameron die z’n terugtreden bekendmaakte. Het Britse volk had gekozen en hij vond zichzelf als minister-president én fervent ‘RemaIN’-er niet geschikt om de onderhandelingen over een Brexit te leiden. Maar hoe denken de christenen in Groot-Btittanië over de Brexit?
Naast een scala aan activiteiten vindt dus jaarlijks de EMA-conferentie plaats met
verzoenen. Om dat te laten weten, gebruikt Hij mensen, ook vandaag nog. Door de kracht van zijn Woord en zijn Geest kunnen die mensen het ook volhouden als voorgangers en voorbeelden. Met aansprekende bijbeluitleg en bemoedigende toespraken en, niet te vergeten, prachtige Engelse hymnen begeleid door één piano, één gitaar en één solist was dit de rode draad van alle drie de dagen.
beide kampen op de EMA-conferentie. Ook al had men heel goed door, dat het Brexit-referendum het land echt heel erg verdeelde (Schotten <–> Engelsen, stad <–> platteland, jongeren <–> ouderen). Maar de christenen legden, zowel op de conferentie als persoonlijk thuis, de uitkomst van het referendum in de handen van God. Ze baden vrijmoedig om een uitslag waarmee God zijn weg zou gaan. Want, zeiden ze daarbij, via menselijke wegen die vaak vol vooroordelen en eigenbelang zijn, is het God die alles in zijn almachtige hand houdt. Hij regeert soeverein.
Dit voorstel is een gulden middenweg tussen ons huidige, vrijblijvende systeem en het ‘geen-bezwaar-systeem’ zoals dat in bv. België en Spanje geldt. Daar ben je automatisch donor, tenzij je een ‘ik-wil-geen-donor-zijn-verklaring’ invult. Volgens mij moeten we in Nederland echt een stap vooruit zetten. We zijn er, ondanks alle promotie in de afgelopen 30 (!) jaren, niet in geslaagd om voldoende orgaandonoren te krijgen. Dus sterven er jaarlijks tientallen tot honderden mensen terwijl ze op de wachtlijst staan, omdat 60% van de Nederlandse bevolking niet de moeite wil nemen om z’n mening kenbaar te maken over orgaandonatie. Die laksheid vind ik onchristelijk. Want uit onderzoeken blijkt dat bijna 100% van de Nederlanders wel zelf graag een nier of long of hart wil ontvangen als dat akuut nodig blijkt te zijn. Dus waarom zou je dan niet zelf na je leven iemand anders daarmee willen helpen? Volgens mij moeten christenen in deze diskussie de woorden van Jezus onze Heer uit Matteüs 7:12 en Lukas 6:31 zwaar laten wegen: Behandel anderen steeds zoals je wilt dat ze jullie behandelen (NBV) / Alles nu wat gij wilt, dat u de mensen doen, doet gij hun evenzo (NV’51).
donor behandeld zou worden. Daarom diende de ChristenUnie in 2005 samen met o.a. de SP een motie in om alle Nederlanders vanaf hun 18e actief te registreren met dezelfde vier vragen als hierboven en met een vijfde keuzemogelijkheid. 5 = ik maak nog geen keuze, stel mij de vraag later opnieuw. Wie deze vijfde mogelijkheid invulde, zou later, bij een nieuw paspoort bv., opnieuw de vraag voorgelegd krijgen of hij/zij wel of niet donor zou willen worden. Die motie haalde het niet en dus stemde een krappe meerderheid van de Tweede Kamer in 2005 tegen het actieve donorregistratie-systeem en bleef het ‘toestemmingssysteem’ van kracht. Met de unanieme wens van heel de Tweede Kamer aan de regering om alle Nederlanders te stimuleren zich te laten registreren in het donorregister. Dat laatste heeft de overheid ter harte genomen. Op
Dus waarom blijft de ChristenUnie dan vasthouden aan haar oude standpunt? Daarmee stimuleert ze laksheid en ongeïnteresseerdheid. En bevordert ze gebrek aan naastenliefde. Volgens mij is er geen sprake van keuzedwang als iemand een aantal keren nadrukkelijk gevraagd wordt om duidelijk aan te geven of men wel of geen donor wil worden. Want in die keus is iedereen volkomen vrij. Maar als iemand gewoon de moeite niet neemt om na herhaalde oproepen het donorregistratieformulier in te vullen, is het een hele logische stap om te zeggen: ‘Wie zwijgt, stemt toe’.
Geen wonder dat Erdogan iedereen tegen zich in het harnas jaagt. En dat hij hier in Europa dus behoorlijk op de korrel genomen wordt in de media. Inhoudelijk, maar ook door middel van satire. Zelf vond ik het geweldig hoe de Duitse TV-omroep NDR de Turkse president op de korrel nam met een persiflage op een popsong van Nena. Het spotlied
buitenlands staatshoofd’. Om die aanklacht bij de Duitse rechter in te kunnen dienen, moet de Duitse regering toestemming geven. Dat heeft Bundeskanzlerin Angela Merkel na een lange week van nadenken uiteindelijk ook gedaan. Maar ze wil geen inhoudelijk kommentaar leveren op de manier waarop Böhmermann Erdogan voor rotte vis heeft uitgemaakt. En ook wil ze het wetsartikel waarin het beledigen van buitenlandse staatshoofden verboden wordt schrappen. Het stamt uit eind 1800 en is niet meer van deze tijd.