Jezus zei tegen de elf: ‘Trek heel de wereld rond en verkondig het Evangelie aan alle schepselen.’ En zij gingen op weg om overal het goede nieuws bekend te maken. De Heer hielp hen daarbij en zette hun verkondiging kracht bij met de tekenen die ermee gepaard gingen.
Twee details:
1/ Als iemand jou zou vragen: ‘Wat is het goede nieuws van de Bijbel?’ Welk antwoord zou jij dan geven?
2/Ken jij mensen die er op uit getrokken zijn om in andere landen het Evangelie van Jezus Christus te brengen? Wat vind je daarvan en hoe steun jij hen?
Jezus zei tegen zijn leerlingen: ‘Er staat geschreven dat de Messias zal lijden en sterven, maar dat Hij op de derde dag zal opstaan uit de dood, en dat in zijn naam alle volken opgeroepen zullen worden om tot inkeer te komen, opdat hun zonden vergeven worden. Jullie zullen hiervan getuigenis afleggen, te beginnen in Jeruzalem.’
Drie details:
1/ Hoe gemakkelijk laat jij je door anderen overtuigen?
2/ ‘Je zonden worden je vergeven’ – wanneer geldt dat voor jou?
De elf leerlingen gingen naar Galilea, naar de berg waar Jezus hen had onderricht. Jezus kwam op hen toe en zei: ’Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde.’
Twee details:
1/ Waar, wanneer en door wie heb jij het meeste over Jezus geleerd?
2/ Wat merk jij vandaag van de macht die Jezus heeft? Waar zie je die macht vooral in?
Op de avond van die eerste dag kwam Jezus in hun midden staan en zei: ‘Ik wens jullie vrede!’ Na deze woorden toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren blij omdat ze de Heer zagen. Nog eens zei Jezus: ‘Ik wens jullie vrede! Zoals de Vader Mij heeft uitgezonden, zo zend Ik jullie uit.’ Na deze woorden blies Hij over hen heen en zei: ‘Ontvang de Heilige Geest. Als jullie iemands zonden vergeven, dan zijn ze vergeven; vergeven jullie ze niet, dan zijn ze niet vergeven.’
Drie details:
1/ Hoeveel vrede heb jij in je hart?
2/ Hoe vergevingsgezind ben jij?
3/ Wanneer hoef je iemand niet te vergeven, denk je?
Toen Jezus vroeg op de eerste dag van de week uit de dood was opgestaan, verscheen hij eerst aan Maria uit Magdala, bij wie hij zeven demonen had uitgedreven. Ze ging het nieuws vertellen aan de mensen die hem hadden vergezeld en die nu om hem treurden en rouwden. Toen ze hoorden dat Hij leefde en dat zij Hem had gezien, geloofden ze het niet. Daarna verscheen Hij in een andere gedaante aan twee van hen toen ze buiten de stad aan het wandelen waren. Ze gingen terug en vertelden het aan de anderen; maar ook zij werden niet geloofd. Ten slotte verscheen Jezus aan de elf terwijl ze aan het eten waren, en Hij verweet hun hun ongeloof en halsstarrigheid, omdat ze geen geloof hadden geschonken aan degenen die hem gezien hadden nadat Hij uit de dood opgewekt was.
Eén detail:
1/ Hoe moeilijk vind jij het om te geloven dat Jezus echt is opge-staan? Wanneer brak dat geloof voor het eerst echt bij je door?
Op de eerste dag van de week gingen de vrouwen bij het ochtendgloren naar het graf met de geurige olie die ze bereid hadden. Bij het graf aangekomen, zagen ze echter dat de steen voor het graf was weggerold, en toen ze naar binnen gingen, vonden ze het lichaam van de Heer Jezus niet. Hierdoor raakten ze helemaal van streek. Plotseling stonden er twee mannen in stralende gewaden bij hen. Ze werden door schrik bevangen en sloegen de handen voor hun ogen. De mannen zeiden tegen hen: ‘Waarom zoekt u de Levende onder de doden? Hij is niet hier, hij is uit de dood opgewekt.
Drie details:
1/ Schrik op schrik voor de vrouwen. Wat maakt jou erg bang?
2/ Op welke manier kun jij vandaag Jezus met geurige olie vereren?
Jezus ontvangt de laatste eer. Hij wordt begraven door twee mannen, Jozef van Arimatea en Nikodemus, kun je lezen in Johannes 19:38-42. Twee mannen die in Jezus op z’n minst een profeet hebben gezien. Of misschien wel gedacht hebben dat Hij de lang beloofde Messias, de lang verwachte Zoon van David was. Zíj zorgen ervoor, dat Jezus toch nog een eervolle begrafenis krijgt. Erg eervol zelfs. Lang hebben ze zich gedeisd gehouden, uit angst voor de joodse religieuze leiders.
Maar nu … nu komen ze tevoorschijn! Jozef van Arimatea was een rijke man en had nog maar kort geleden voor zichzelf een nieuw rotsgraf laten uithouwen, vlak bij Golgota. Nu wil hij het gebruiken voor de begrafenis van Jezus, die “een machtig profeet was in woord en daad, in de ogen van God en van het hele volk” en van wie hij net als de Emmaüsgangers had gehoopt “dat Hij degene was die Israel verlossen zou.” Jozef kocht ook een aantal prachtige, kostbare doeken om het lichaam van Jezus in te wikkelen, van zuiver linnen en Nikodemus zorgde voor meer dan 30 liter geurige olie om het dode lichaam van Jezus te balsemen. Zo bewijzen zij de laatste eer aan hun zo tragisch en veel te vroeg gestorven Heer. Wat vind je daarvan? Ik vind het triest en mooi tegelijk.
Triest
De begrafenis maakt onderdeel uit van de vernedering die onze Heer Jezus moest ondergaan. En wel om twee redenen. Allereerst dit: ook het graf hoort bij de gevolgen van de zonde. Het maakt de dood definitief. De laatste dagen of uren of minuten van iemands leven, als je moet sterven, dat is het zwaarst. Dat was bij Jezus helemaal zo – daar aan het kruis door God verlaten. Maar het moment van begraven is voor de nabestaanden net zo zwaar – nu is het afscheid definitief. En ook al riep Jezus ‘Het is volbracht’ – ook die schande heeft Hij voor ons gedragen.
Maar er is nog iets, wat voor Christus heel vernederend is. Jozef en Nikodemus, en ook de vrouwen die met hen meegekomen waren, hielden allemaal heel veel van Hem. Maar toch was Jezus de meest onbegrepen persoon die ooit begraven is. Als er al een paar woorden gesproken zijn door Jozef of door Nikodemus, wat zouden ze dan gezegd hebben? Zouden ze Hem herinneren zoals Hij werkelijk was – de Zoon van God die gekomen is als Messias om zijn volk te bevrijden van hun zonden? De Mensenzoon die Zelf meerdere keren gezegd had dat Hij zijn leven zou geven als losprijs voor velen? En dat Hij na drie dagen uit de dood zou opstaan? Nee. Ze nemen afscheid van Hem als een mens onder de mensen. Het is met Jezus gegaan zoals het met alle mensen gaat: iedereen zal eens sterven – ook al is het deze keer veel tragischer en onrechtvaardiger dan bij de meesten. Wat een vernedering van Jezus onze Heer! Tijdens zijn leven op aarde zag je regelmatig nog iets van zijn goddelijke kracht en werd dat ook erkend door vriend en vijand. Maar nu gaat zijn godheid volkomen schuil achter zijn sterfelijke lichaam. En begrijpen zijn vrienden helemaal niets van zijn dood. Zelfs de vijanden van Jezus zijn meer bezig met zijn opstanding. Zij vragen Pilatus om bewaking van het graf.
Dus ja, ze hebben veel van Jezus gehouden. Ze zullen Hem nooit vergeten. En zijn voorbeeld roept om te dienen elke dag. Maar heel de begrafenis, het balsemen van het dode lichaam, de afspraak om daar na de sabbat mee verder te gaan – ze hebben er niets van begrepen waarom Jezus de weg naar Golgota moest gaan. Dat lag niet aan het onderwijs van Jezus. Door Hem was het koninkrijk van God inderdaad dichterbij gekomen, geloofde Jozef van Arimatea. En dat je opnieuw geboren moet worden om bij God te komen had Jezus Nikodemus al duidelijk gemaakt. Maar dat zijn dood voor beide noodzakelijk is, begrijpt niemand.
De laatste eer voor onze veel te vroeg gestorven Heer. Daarmee tonen Jozef en Nikodemus eerder hun liefde voor Jezus dan hun geloof in Hem. Eindelijk durven ze voor hun Heer uit te komen. Maar het is wel te laat. En dus een diepe vernedering voor onze Heiland.
Mooi
Tegelijk vind ik het ook mooi. Als een misdadiger is Jezus gekruisigd. Maar Hij krijgt een eervolle, ja, zelf rijke begrafenis. Daarin zie ik een stukje rechtvaardigheid van God glanzen nog vóór de opstanding op Pasen. Als alles volbracht is, hoeft de vernedering niet nog dieper door te gaan, bijvoorbeeld door Jezus met die twee andere misdadigers in een anonieme massagraf te gooien. Aan het kruis was Jezus het echte uitschot, door God verlaten, voor ons in de plaats. Maar zijn graf doet Hem alleen maar delen in de algemene schande van de dood. En dan zie je, hoe God het heeft geregeld: een nieuw, kostbaar uitgehouwen graf, nieuw kostbaar zuiver linnen en even kostbare balsemolie. Zoals in het Oude Testament alleen maar nieuw, perfect materiaal gebruikt mocht worden om de offers en het bloed en de toonbroden en al die andere heilige zaken op te leggen.
En dan hebben Jozef van Arimatea en Nikodemus, net zoals Maria met haar dure zalfolie, het nog niet begrepen en daarmee hun Heer teleurgesteld. Maar ze gaven Hem al hun dank en eer vanuit oprecht verdriet en omdat ze zoveel van Hem hielden. Dan is het beste nog niet goed genoeg. Want armen kun je altijd begraven, had Jezus gezegd, en Mij maar één keer. Want de graankorrel moet eerst sterven om veel vrucht te dragen.
Wij kunnen beter weten
Als je dat bedenkt vandaag, op deze Stille Zaterdag. Hoe groot is dan jouw dank en eer? Jozef en Nikodemus en de beide Maria’s bewezen de laatste eer aan hun te vroeg gestorven Heer. Ze zouden nooit vergeten wat Hij allemaal gedaan en gezegd had. Na zijn dood zou Hij voor altijd in hun hart blijven. Ze hadden beter kunnen weten.
Vandaag staan wij ook stil bij de dood van onze Heer. Hij stierf voor ons, zodat wij met en voor Hem leven. Wij wéten beter. Zal onze dankbaarheid dan niet veel groter zijn? Voor Hem die dood geweest en Hij leeft! Dankbaar, niet alleen voor zijn voorbeeld dat motiveert. Maar voor zijn verzoenend lijden en sterven dat voor jou en mij de weg naar God weer vrij maakt! Als je door de Heilige Geest opnieuw geboren bent, hoe diep zit het ‘Thank you, thank you, thank you’ in jouw hart?
Zeven keer heeft Jezus aan het kruis gesproken. Johannes heeft zijn derde, vijfde en zevende kruiswoord voor ons opgeschreven. Met alle drie wil Jezus ons vandaag ook iets zeggen, als onze Verlosser aan het kruis. Ze staan geschreven in Johannes 19:16b-30
Moeder en zoon
Bij het kruis staat zijn lieve moeder Maria. En Johannes, de apostel van wie Jezus heel veel hield, staat naast haar. Jezus zegt ten hen: ‘Kijk, hij is nu je zoon’ en ‘Kijk, zij is nu je moeder’.
Dat zegt Jezus volgens mij om twee redenen. Allereerst wil Jezus hiermee zeggen: Ik sterf aan het kruis voor iedereen. Dus ook u, lieve moeder, en jij, beste Johannes – jullie allebei hebben net zo goed verlossing van jullie zonden nodig. Jullie hebben geen streepje voor op al die andere mensen voor wie Ik hier ook aan het kruis hang.
Vandaag zegt Jezus daarmee tegen jou en mij: ‘Bekijk Mij niet als een bijzonder mens of als een goede vriend of als een indrukwekkend voorbeeld. Nee, geloof dat Ik in de eerste plaats jouw Verlosser wil zijn! Daarvoor heb Ik jouw zonden het kruishout opgedragen.’ Geloof dat vooral!
Toch denk ik dat Jezus met deze woorden ook nog iets anders wil zeggen. Straks is Hij er niet meer. Dat is een gemis. Iedereen weet hoe moeilijk het is om dat te accepteren. Dus geeft Jezus Maria en Johannes aan elkaar. Ze moeten allebei leren om Jezus als zoon en vriend los te laten en vooral van Hem te blijven houden als hun Verlosser. Aan het kruis geeft Jezus al weten aan zijn volgelingen: er komt een nieuw gezin, de ‘familie van God’.
Ik hoop dat je in de afgelopen 12½ maand corona als christen op twee manieren extra steun ontvangen hebt. Vertikaal:als God voor ons is, wie zal dan tegen ons zijn? En horizontaal: door de steun en bemoediging, praktisch én geestelijk, van de mensen om je heen, zowel van christenen als van niet-christenen.
Dorst
“Ik heb dorst!” is het tweede wat we Jezus horen uitroepen in het Evangelie van Johannes. In het Grieks is het maar één woord, een rauwe kreet: “DORST!!” Het verwijst naar Psalm 69 en Psalm 22. David wordt in beide psalmen getroffen door fysieke pijn: nog even en zijn lichaam houdt er mee op. Hij dreigt te sterven van de dorst – dat is één van de ergste kwellingen die een mens kan meemaken.
Ook dat lijden, lichamelijk en wat dat vervolgens psychich en geestelijk met je doet, heeft Jezus voor ons gedragen. Niet alleen onze zonden en overtredingen. Ook onze ziektes en onze pijn. Op Goede Vrijdag staan we meestal vooral stil bij het eerste: Christus stierf aan het kruis voor onze zonden. Maar ik hoop, dat deze uitroep van Jezus je bemoedigt. Hij heeft ook onze ziektes, jouw stress en mijn spanning op Zich genomen. Hij ging ermee naar God toe. Doe jij dat vandaag ook, in al je angst en zorgen?
Volbracht
En dan is daar het laatste woord van Jezus: “Het is volbracht!” In het Grieks gebruikt Jezus opnieuw één woord: “VOLBRACHT!” Niet als zucht van verlichting, maar als bewuste uitroep: mijn reddingswerk is voltooid. Daarna buigt Hij het hoofd en, staat er letterlijk, geeft de geest.
Wil je dat op Goede Vrijdag tot je laten doordringen? Jezus volbrengt zijn levenstaak in onze plaats. Want onze levensopdracht is mislukt. Door de zonde missen we ons doel. Wij verdwalen bij God vandaan. Als gevolg van de zonde is heel de wereld vastgelopen in het corona-moeras. In het afgelopen jaar zijn er zo’n twee miljoen corona-doden te betreuren. En geestelijk gezien liggen wij midden in de dood.
Maar kijk dan naar het kruis van Golgota! Wie hangt daar? Jouw Heiland! Mijn Redder! Jezus, onze Heer! Hij hangt daar in plaats van Barabbas. En Barabbas – tegenover de hemelse Rechter ben jij dat – ben ik dat – ja, in Gods ogen zijn wij allemaal van het type Barabbas! Maar wie hangt daar? Jezus. Hij is vrijwillig onze Plaatsvervanger. En voor iedereen die in Hem gelooft, klinkt nog steeds de uitroep: “Het is volbracht!” Dat heeft Hij met luide stem ook voor jou geroepen, mijn broer en zus! Dat geeft houvast in dit zo onvoorspelbare leven. Balsem voor je ziel. En perspektief op het eeuwige, volmaakte leven. Ongekende geluk. Allemaal op grond van zijn volbrachte werk.
Geloof het! Geloof in Jezus Christus en die gekruisigd!!
Deze overdenking heb ik gehouden in de kerkdienst op Goede Vrijdag 2020 en is terug te beluisteren via
Eén van de gekruisigde misdadigers zei spottend tegen Hem: ‘Jij bent toch de Messias? Red Jezelf dan en ons erbij!’ Maar de ander wees hem terecht met de woorden: ‘Heb jij dan zelfs geen ontzag voor God nu je dezelfde straf ondergaat? Wij hebben onze straf verdiend en worden beloond naar onze daden. Maar die man heeft niets onwettigs gedaan.’ En hij zei: ‘Jezus, denk aan mij wanneer U in uw koninkrijk komt.’ Jezus antwoordde: ‘Ik verzeker je: nog vandaag zul je met Mij in het paradijs zijn.
Drie details:
1/ ‘Boontje komt om zijn loontje. Het is zijn of haar verdiende loon.’ Wanneer dacht jij dat voor het laatst? Was dat terecht?
2/ Zou jij in de hemel een moordenaar willen ontmoeten?
3/ Alleen via het kruis van Jezus gaat de hemelpoort voor mensen open. Hoe vaak denk jij aan dit effect van Goede Vrijdag?