Een sprookje? – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 16)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 16

Een sprookje?

op de derde dag opgestaan van de doden (1) – Dat in 1945 de Tweede Wereldoorlog beëindigd werd, dat was een belangrijke historische gebeurtenis. Of de strijd van Nelson Mandela tegen de apartheid in Zuid-Afrika, ook díe heeft in de geschiedenis een belangrijke rol gespeeld. Maar geen enkel historisch feit is zó belang­rijk ge­weest als dat ene: dat de Here Jezus opstond uit de dood.

Nu weet jij net zo goed als ik dat veel mensen niet in de opstanding geloven. Dat een dode weer levend wordt, lijkt téveel op een sprookje om waar te kunnen zijn, vinden ze. Dat mensen zo denken, is best te be­grij­pen, want het ís ook een groot wonder. Aan de andere kant: hoe moet je ánders verklaren dat het graf van de Here Jezus op de derde dag opeens leeg was? Zouden de discipelen het verhaal van de opstanding nu echt zelf verzon­nen hebben? Wie verzint er nu een leugen en heeft er dan zijn leven voor over om in die leugen te geloven?

Nee, dat de Here Jezus uit de dood is opgestaan, dat is net zo zeker als dat de Tweede Wereldoorlog in 1945 afgelopen was. Geloof het maar gerust.

Lezen: Matteüs 28:1-7

We geloven niet in sprookjes, maar in feiten! Zou het lukken om vandaag (of morgen) aan iemand te vertellen over wat je net gelezen hebt?

Pikdonkere kelder – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 15)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 15

Pikdonkere kelder

is nedergedaald in het rijk van de dood – Denk je wel eens na over de dood en over sterven? Misschien niet; dat kan ik me best voorstellen. Toch zijn er ook tieners die er wél over nadenken, omdat ze er bang voor zijn. Ook dát is begrijpe­lijk.

Als je aan de dood denkt, kun je daar inderdaad bang van worden. Het is als bij een pikdonkere kel­der in een oud leegstaand huis. Je weet wel, zo’n huis uit een enge film. Voorzichtig ga je de trap af, en bij het licht dat door de deur komt, schuifel je ver­der. Maar opeens… bám! De deur bo­venaan de trap valt met een dreun in het slot. Op de tast ren je naar boven, maar de deur zit pot­dicht. Er is niet eens een deurknop. Daar sta je dan, moederziel alleen in de duisternis. En niemand kan je horen.

Zo kun je je de dood voorstellen. Maar het voorbeeld is nog niet af. Want wat zie je daar, in een hoek van de doodskelder? Een verlicht bordje met daarop­: ‘Je­zus is hier geweest.’ Wat een ontzet­tende op­luchting! Want dat betekent dat deze kel­der voor Jezus geen onbekend terrein is. Hij is zelf neergedaald in de dood, en heeft gezorgd voor een uitgang – een uitgang naar het eeuwige le­ven. Nu jaagt de dood echt geen angst meer aan!

Lezen: Psalm 116:1-9

Als je deze Psalm leest, welk vers vind je dan ’t mooist om op deze dag mee te nemen? Leer die uit je hoofd!

‘Wie is mijn echte vader?’ – waarom veel christenen tegen donor-ouderschap zijn

Ooit zei ik in een preek: “Een kind heeft meer recht op z’n beide ouders dan beide ouders op werk.” Dat werd me niet door iedereen in dank afgenomen. Vandaag de dag speelt een andere diskussie: heeft ieder kind het recht om te weten wie zijn of haar donorvader (of, donormoeder) is? Sinds 2004 is anonieme eicel- of zaadceldonatie in ons land verboden. Je kunt je afvragen: waarom toen pas? Het antwoord is, toen ik het op me liet inwerken, nogal onthutsend: omdat er tegenwoordig honderden, misschien wel duizenden 20-ers en 30-ers rondlopen die niet weten wie hun biologische vader is. Op televisie hoor je hun verhalen. De kern ervan is heel vaak: ik snap dat mijn ouders graag een kind wilden terwijl ze die zelf niet konden krijgen, maar ze hebben mij het recht ontnomen om bij mijn eigen vader op te groeien. Eén donorkind hoorde ik het op televisie heel scherp zeggen: ‘Ook al was ik echt een gewenst kind, ten diepste gingen mijn ouders voor hun eigen geluk toen ze naar de spermabank gingen.’

Die opmerking zou voor veel mensen een eye-opener moeten zijn. Als je kinderen neemt via een donor, ontneem je zo’n kind het recht om z’n echte ouders te leren kennen. Terwijl je weet dat die wens heel diep zit – kijk maar naar al die programma’s waarin geadopteerde kinderen op zoek gaan naar hun biologische ouders.

In de jaren ’80 van de vorige eeuw werd er in christelijke kringen al aandacht besteed aan kunstmatige inseminatie (KI). De mogelijkheid van ‘KI-D’ (Donor) werd per definitie afgewezen. De mogelijkheid van ‘KI-E’ (Echtgenoot) werd onder voorwaarden toegejuicht. Maar als christenen hebben we denk ik nooit beseft, hoeveel mensen al in die tijd gebruikt maakten van anoniem donorzaad om als kinderloos echtpaar of als bewust-ongehuwd-moeder toch de kinderwens te vervullen. En toen begin deze eeuw het homohuwelijk gelegaliseerd werd, volgden heel veel homo-echtparen die vaak twee kinderen kregen – de beide moeders allebei een keer negen maanden zwanger; de beide vader allebei via soms dezelfde draagmoeder.

Het nemen van kinderen als je ze zelf niet kunt krijgen wordt in onze moderne tijd als een legitieme mogelijkheid gezien waar je als partners recht op hebt. Ik vraag mij af of dat terecht is. Volgens mij schuilt er achter deze stelling een houding van egoïsme. De kinderwens is vooral gericht op het eigen geluk. En gaat dus ten koste van het belang van het kind.  De praktijk van donorkinderen uit de jaren ’80 en ’90 die nu op zoek zijn naar hun biologische vader ondersteunt dat. Toch zal er niet veel veranderen, denk ik. Alleen worden potentiële donoren nu afgeschrikt omdat ze niet meer anoniem hun sperma kunnen afleveren. Maar ik heb nog geen enkele niet-christelijke partij horen pleiten voor het opheffen van alle spermabanken. Het individuele geluk van een volwassene staat in onze samenleving zo hoog in het vaandel, dat het mogelijk moet blijven om, desnoods via gekunstelde wegen, kinderen te krijgen die niet echt van beide ouders zijn.

Gun ik twee partners dan niet het geluk van het ouderschap? Jazeker wel! Maar ik heb moeite met de absolute voorrang die gegeven wordt aan het eigen geluk in het hier en nu. Daar moeten donorkinderen over 20 jaar maar mee leren leven. Net als kinderen van gescheiden ouders vaak met de gevolgen zitten van de scheiding als ze zelf volwassen zijn (zie hier). En als het om abortus gaat, is het in Nederland al meer dan 40 jaar zo (en in Ierland sinds 26 mei 2018) dat het ongeboren leven geen enkel recht heeft om te mogen bestaan als de moeder die dat leven in zich draagt, daar anders over denkt.

Vroeger bestond de mogelijkheid om een donorkind te nemen niet. In de Bijbel zie je andere oplossingen. Leen je slavin uit aan je man en zet het kind op jouw naam (Sara liet het Abraham een aantal nachtjes met Hagar proberen). Geef je man een bijvrouw kado (Lea en Rachel deden dat allebei in een wedstrijdje ‘wie produceert de meeste kinderen bij manlief Jakob’). Of trouw een tweede vrouw als je eerste vrouw geen kinderen kan krijgen (Elkana hield van Hanna, ook al kon ze geen kinderen krijgen, maar had vanwege zijn kinderwens als tweede vrouw Peninna erbij genomen). Je ziet aan alle kanten hoe het met zulke kunstgrepen mis gaat in de onderlinge relaties. Zou dat vandaag anders zijn? Ik denk van niet. Volgens mij zijn er ook andere mogelijkheden, zoals het adopteren van kinderen of het bieden van pleegzorg. In beide gevallen is voor iedereen duidelijk dat de wettelijke ouders of verzorgers niet de biologische ouders zijn. In de Bijbel kom je een verhaal tegen dat je hier wel een beetje mee kunt vergelijken. Als koning Saul en zijn zonen in de oorlog met de Filistijnen omkomen, adopteert de nieuwe koning David Mefiboset, de zoon van kroonprins Jonathan. Jonathan was ook Davids beste vriend. Mefiboset wordt door David in de koninklijke familie opgenomen ‘en behandeld als een van de koningszonen.’ (2 Samuel 9:1-13).

Vandaag zou ik wel voor de stelling willen gaan: “Een kind heeft meer recht op twee biologische ouders dan twee partners op een donorkind.”

Dit artikel heb ik voor een deel ook gebruikt in een preek over Hoe ga je om met een kinderwens? Vindt God het goed dat je met hulp van een derde iemand een kind krijgt? Of is dat ‘kunstmatig overspel’?  Zie Zondag 39 HC 2019 preek en liturgie donorkinderen met sheets Zd39-2019 sheets preek

 

Geen verhaaltje – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 14)

Dag 14

Geen verhaaltjeHerman van Wijngaarden - Zo is dat

onder Pontius Pilatus is gekruisigd, gestorven en begraven – Als er tweeduizend jaar geleden in Jeruza­lem kranten waren geweest, had je ongetwijfeld op een dag zóiets kunnen lezen: ‘Gisteren zijn op de Hoofd­schedelplaats weer drie doodvonnissen uitgevoerd. Eén daarvan betrof de bekende Jezus van Nazaret. Hoewel stadhouder Pilatus eerder nog had verklaard geen schuld in deze 33-jarige man te kunnen vinden, gaf hij later toch toe aan de eisen van de overpriesters en het volk.’

Zo waren de feiten. Wat Lukas en de evangelisten later opschreven, kon iedereen eenvoudig controleren. Je zou kunnen zeggen: om te weten dat Jezus is gekruisigd, gestorven en begraven, heb je niet eens geloof nodig, dat weet iedereen. Dat bedoelt de Apostolische Geloofsbelijdenis ook een beetje als ze zegt dat het onder Pontius Pilatus is gebeurd. Net zo echt als Pilatus was (zijn naam staat nog steeds in de Romeinse archieven), zo echt was het ster­ven van Jezus.

Voor mensen die geloven, betekent dat natuurlijk nog veel meer. Want die weten: zo zeker als Jezus gestor­ven is, zo zeker is het dat er toen voor mijn zonden is betaald. Dat is geen verhaaltje, maar een feit! Zo ís dat!

Lezen: Lukas 23:1-7

Pilatus schreef geschiedenis! Jij kunt daar jouw geschiedenis aan toevoegen. Vul maar in: ‘Toen [jouw naam] hier tweeduizend jaar later over las, … [wat gebeurde er toen?].

Je schuld van vandaag – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 13)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 13

Je schuld van vandaag

die geleden heeft – De zonden die jij vandaag of gis­teren gedaan hebt, zijn die erg denk je? Laten we daar eens over nadenken, heel concreet. Als jij bijvoor­beeld expres kwaad gesproken hebt over iemand, of met verkeerde gedachten hebt zitten spelen, hoe erg is dat dan?

Het beste antwoord op die vraag zou je krijgen als je hem aan de Here Jezus kon stellen. Waarom? Omdat Hij het gevoeld heeft hoe erg jouw zonden zijn! Want om jouw overtredingen van vandaag, hoe groot of klein ook, is Hij tweeduizend jaar geleden gebroken. De straf die jij daarvoor verdient, heeft Hij gedragen. En dat deed pijn!

Is dat niet verschrikkelijk? Dat door jouw en mijn schuld van gisteren en vandaag de Here Jezus zoveel pijn heeft gehad? Omdat Hij die schuld wilde wegnemen? Maar… je kunt het bijna niet geloven… dat is óók fantastisch. Want als je met je schuld van vandaag in gebed naar God gaat, krijg je daarom dít te horen: er is al voor je betaald! Je bent vrijgesproken!

Lezen: Jesaja 53:3-6

Vul in deze verzen in plaats van ‘ons’ en ‘onze’ eens ‘mij’ en ‘mijn’ in. Welk gevoel roept dat bij je op?

Wat doe ik met mijn vakantiegeld?

‘Wat ik aan de tempel geef, geef ik aan mijn God.’  

Geld en BijbelIn de meimaand komt bij veel mensen het vakantiegeld binnen. Daar kun je leuke dingen mee doen! Eindelijk je vakantie boeken. Of je nieuwe auto of audio-apparatuur mee betalen. Of je spaarrekening weer op niveau brengen. Je kunt natuurlijk ook de hele mep aan goede doelen geven. Je hebt immers toch al je vaste maandinkomen? Dus die 8% is alleen maar extra.

Ik schreef er al eens een blog over onder de titel Durf te geven. In deze blog kies ik voor de praktische insteek.

Het voorbeeld

Er was eens een jong gezin dat eindelijk een huis kon kopen. De makelaar kwam langs om alle financiën op een rijtje te zetten. Links de vaste lasten. Rechts wat er dan nog overbleef. Toen beide rijtjes waren ingevuld zei hij: ‘Ik zie hier op tafel een trouwbijbel liggen en zo te zien lezen jullie er regelmatig uit. Zijn jullie ook lid van een kerk?’ ‘Ja’, zei het stel, ‘wij zijn gereformeerd’, en ze dachten: waar wil hij naar toe? ‘Ik ook’, zei de makelaar, ‘dus volgens mij mist er nog een post bij de vaste lasten.’ Zo ontstond een gesprek over de VVB met als resultaat dat het jonge stel een iets lagere hypotheek nam.  Ze bezuinigden niet op wat ze aan God wilden teruggeven.

De oproep

Durf met elkaar door te praten over je geefgedrag. Niet alleen hoeveel je moet geven. Maar ook over hoe rijk gezegend je je voelt met God en Jezus. En over wat je allemaal aan goede doelen tegenkomt. En welke keuzes je daarin maakt. Want wat betekent het principe: eerst de eigen geloofsgenoten en de eigen kerkelijke gemeente nou precies voor andere goede christelijke doelen als de Verre Naasten, de ZOA of de MAF? En voor algemene doelen zoals het Rode Kruis of het Fonds Gehandicapten? Misschien zouden de diakenen zo’n open gesprek kunnen begeleiden.

Een tip

Speciaal voor de jongeren om het gesprek over aan te gaan met elkaar en met je ouders. Durf te leven – durf te geven! En om daarin te oefenen, zou je met jezelf kunnen afspreken: zo gauw ik een vast inkomen hebt, geef ik daar ook iets van weg. Want het gaat niet om het grote bedrag. Het gaat om je houding.  Het is mooi en goed om te durven geven. Dus wat vind je ervan, om een kerkelijke bijdrage te gaan betalen van je bijbaan of je StuFi? Zou dat goed zijn?

Jij blij, zij blij, God blij

‘Wat ik geef aan de tempel, geef ik aan mijn God, zei David. Ook het volk bracht zijn gaven met vreugde, want men was van ganser harte bereid een  bijdrage te schenken – voor de HERE. Zulke blijmoedige gevers – daar houdt God van!

Deze blog is het slot van een preek over 1 Kronieken 29 + 2 Korintiërs 8+9 in is te vinden onder ‘Preken/OT’

Bezoek – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 12)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 12

Bezoek

die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren uit de maagd Maria – Stel dat Jezus vandaag bij jou op bezoek zou komen (tussen haakjes: zou Hij welkom zijn?), waar zou Hij het dan met je over willen hebben, denk je? Over de preek van afgelopen zondag, waarnaar je niet goed geluisterd hebt? Over de woordenwisseling met je moe­der? Of zou Hij een stukje met je uit de Bijbel lezen? Best moge­lijk dat dat allemaal aan de orde zou komen. Denk er maar ’s over na.

Toch geloof ik dat Hij in ieder geval óók zou vragen hoe het gaat op school, of met je griep. Of waarom je de laatste tijd zo stil bent. En hoe het was op het feestje van afgelopen vrijdag. Want weet je, daar is Hij echt in geïnteresseerd. Hij is zelf mens geweest, geboren als zoon van een heel gewone vrouw, Maria. Hij ging naar een bruiloft, en Hij wist wat het is om verdriet te hebben.

Is dat niet mooi? Zoals Hij vroeger met mensen sprak op de bruiloft te Kana, wil Hij vandaag naast je komen zitten, om van alles met je te bespreken. En wie weet doet Hij dan ook bij jóu wonderen. Want Hij is tege­lijk een heel bijzonder mens: ontvangen van de Heilige Geest, zonder zonde. Dát belooft wat!

Lezen: Johannes 2:1-11

Lijkt jouw leven ook op een feest dat dreigt te mislukken? Waar gaat het mis? Bespreek dat vandaag met Jezus en vraag Hem jouw ‘feest’ te redden!

 

Geen protesten – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 11)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 11

Geen protesten

onze Heer – Leraren kunnen soms erg onrede­lijk zijn. Neem nu die docent die bergen huiswerk opgeeft, ter­wijl je ook al een opdracht voor een ander vak hebt. Dat kan ‘ie toch niet maken? Begrijpelijk dat er in zo’n geval een heftig protest losbarst.

Zulke protesten komen er óók nogal eens als de Heer Jezus zíjn ‘huiswerk’ opgeeft. Zo’n huiswerkopdracht is bijvoorbeeld: iemand die je onrecht heeft aangedaan, niet met gelijke munt terug­betalen… (‘Dat is toch onredelijk?’) Of er iets van zeggen als een vriend vloekt (”k Zal me daar gek zijn’). En: God ook door je muziek eren (‘Je mag ook nooit wat’).

Vreemd, want we mogen er toch van uit gaan dat Jezus nóóit onredelijke opdrachten geeft. Bovendien geloven we dat Hij onze Heer is, dat wil zeggen: degene die het voor het zeggen heeft. Op een andere manier kun je met Jezus niet omgaan. Hij is je Heer, of Hij is niks voor je.

Tollenaar Levi begreep dat. Toen Jezus voorbij­kwam en tegen hem zei ‘Volg Mij’, stelde Levi geen vragen. Nog minder kwam hij met protesten. Hij stond op en volgde. Dat was trouwens niet omdat hij zo goed bekend stond. Jezus wil juist de Heer van zondaars zijn.

Lezen: Markus 2:14-17

Direct na deze gebeurtenis vraag je aan Levi waarom hij direct besloot om Jezus te gaan volgen. Wat zou hij antwoorden, denk je?

 

Onbegrijpelijk goed – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 10)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 10

Onbegrijpelijk goed

Zijn eniggeboren Zoon – Iedere zondagmiddag kun je het zien op een hoek van Hyde Park in Londen. Op keuken­trapjes staan her en der mensen in de open lucht te preken. De één praat voor de islam, de ander voor het christendom, en een derde tegen rassendiscrimina­tie.

Vaak zijn er moslimjongeren die bij ieder christelijk ‘keukentrapje’ de spreker in de rede vallen. Ze willen discussiëren over maar één ding: ‘Is Jezus God?‘ Ja, wij geloven dat Jezus God is. ‘Hoe kom je daar bij? Dat heeft Jezus Zelf nooit beweerd.’ Jawel hoor, lees maar in Johannes 5:18 en in Matteüs 26. Het was zelfs de reden waarom Hij ter dood werd ver­oordeeld: Hij stelde Zich gelijk met God. ‘Gelo­ven jullie dan dat er meer dan één God is?‘ Nee, wij geloven dat God de Vader, samen met de Zoon en de Heilige Geest één God is.

En daar eindigt het gesprek dan, want wat wij de drie­-eenheid noemen, is voor de moslims onaanvaardbaar, net zoals voor de Jehova’s Getuigen. Toch houden wij eraan vast, want hier gaat het juist om. Toen Jezus geboren werd, was het God Zelf (en niet maar een mens) die naar ons toe kwam om ons te redden. Inderdaad niet te begrijpen, maar zo onbegrijpelijk goed is God nu.

Lezen: Matteüs 26:63-66

De Bijbel laat zien wat we geloven en waaróm (belangrijk dus om die te blijven lezen). Breng voor jezelf eens onder woorden waarom we geloven dat Jezus de Zoon van God is.

Het maakt wél uit! – de Twaalf Artikelen in 30 dagen (dag 09)

Herman van Wijngaarden - Zo is datDag 09

Het maakt wél uit!

En in Jezus Christus – Vandaag beginnen we met het tweede deel van de Apostolische Geloofsbelijdenis: over de Here Jezus. Het eerste deel ging over God de Va­der. En verderop komen we toe aan het derde deel, over de Heilige Geest. Het deel over de Here Jezus is het grootst. Daaruit blijkt wel hoe belang­rijk dat is. Als je érgens kunt zien dat het héél veel uit­maakt wat je gelooft, dan is het hier. Let daar bij de volgende stukjes maar op.

Hopelijk zul je dan ook begrijpen waarom Jezus al voor miljoenen mensen echt álles is geweest en nog is. Hij is er nota bene speciaal voor hen: voor mensen die aan  alles gebrek hebben, en nergens meer bijhoren; voor jon­geren die kapot gaan van verdriet. Maar ook voor tieners die gevangen zitten in hun gokverslaving; voor gehandicapten, en iedereen die vastgelopen is. Lees het straks maar na in Lukas 4.

Jezus zei dat God Hem hiervoor speciaal had gezalfd. Dat betekent dat Hij de Christus, de Messias, was naar wie de mensen in Nazaret al zo lang hadden uitgekeken. Maar moet je zien wat deze mensen uiteindelijk deden: ze gooiden Jezus de stad uit (vers 29)! Kun je nagaan hoe belangrijk het is dat je ogen voor Hem geopend worden. Bid daarom! 

Lezen: Lukas 4:16-22

Zie je jezelf al zitten in de synagoge? Hoe reageer jij op Jezus? En op de andere mensen in de synagoge?