
Foto: Fernando Pereira / Anefo, CC0, via Wikimedia Commons
Jack Middelburg was een bekende motorcoureur. Hij won in 1980 als laatste Nederlander de 500cc in Assen. Hij was één van de laatsten die gewoon met z’n eigen motor en een privé-sponsorkring met de top mee kon. In 1984 raakte hij bij een crash tijdens een race in Tolbert dodelijk gewond en overleed een paar dagen later in het ziekenhuis in Groningen. Jumping Jack werd hij genoemd. Twee jaar geleden was er een een musical over zijn leven. Dat was al net zo onstuimig als zijn races.
De manier waarop Jack Middelburg vroegtijdig aan het einde van zijn leven gekomen is, zou je kunnen samenvatten met het lied van Normaal – Oerend hard. ‘Mor zo as altied kump aan dat gejakker een end’. Met dit verschil, dat Jack Middelburg nog steeds een bekende Nederlander is. Je kunt bij Jack Middelburg ook denken aan een ander lied, namelijk “Go like Elijah’ van de Amerikaanse country- en rock-zangeres Chi Coltrane. In beide gevallen een passend lied bij een plotseling, onverwacht heengaan. Met ook wel een verschil: eindig je je leven zonder verwachting en toekomst (‘Iedereen die zee: van die luu heur ie nooit meer wat van’) of vanuit het verlangen (‘Lord, when I go, I wanna go, just let me go like Elijah when I go’).
Elia ging ook oerend hard. Tijdens zijn leven ging Elia oerend hard tegen de tijdgeest in. Terwijl er bijna niemand meer in God geloofde, droeg hij de boodschap uit: ‘Mensen, geloof niet langer in jezelf, keer je af van je eigen gekozen goden en keer terug tot onze God, die hemel en aarde gemaakt heeft, de God van Abraham, Isaak en Jakob, die God die ons uit Egypte bevrijd heeft en via Mozes zijn heilzame geboden aan ons gegeven heeft.’ Onvermoeibaar was Elia geweest, vooral in de strijd tegen de Baäldienst die de goddeloze koningin Izebel geïntroduceerd had.
En oerend hard was de manier waarop Elia door de HERE werd thuisgehaald. Dat verhaal staat in 2 Koningen 2:1-15. Elia weet dat zijn taak erop zit. Samen met Elisa steekt hij de Jordaan over, op een manier die herinnert aan Mozes en Jozua. Zij kregen ook geen natte voeten, toen ze, met het volk Israël, door de Schelfzee en door de Jordaan heengingen. De profeten uit Jericho, die hen op een afstandje volgen, zien het. Door dat teken krijgen ze nieuwe zekerheid: onze God is er nog steeds, Hij is gisteren en heden dezelfde. Aan de overkant van de Jordaan gaan Elia en Elisa al pratend verder. Elia heeft Elisa nog veel te vertellen. De laatste instrukties om Elisa voor te bereiden op de taak, die hij misschien krijgt. Dan opeens gebeurt het! Vuur en bliksem uit de hemel! Paarden van vuur, een vurige wagen! Elia wordt aan boord getrokken, weg is hij, ineens. Elisa staat erbij, kijkt erna … en het is alwaar voorbij.
Wat zal dat een indruk op Elisa en, op een afstandje, die 50 profeten gemaakt hebben. God, die rechtstreeks zijn engelen stuurt om Elia op te halen en thuis te brengen. Voor Elisa is de hemelvaart van Elia een bemoedigend teken om verder te vechten tegen ongeloof en tegenstand. Hij is de getuige die het gezien en verder verteld heeft. Diep onder de indruk schreeuwt hij: ‘Mijn vader, mijn vader! Wagens en ruiters van Israel!’
In Elia verliest hij niet alleen zijn meester. Elia was ook een geestelijk vader voor hem geweest. En met de eretitel ‘Wagens en ruiters van Israel’ wil hij zeggen, dat Elia voor Israel meer betekend heeft dan het hele leger van Israel. Dat leger van Israel streed in die dagen een felle strijd tegen de Arameeërs uit Damaskus om de zelfstandigheid van het 10-stammenrijk. Maar Elia was degene geweest, die tegen een veel gevaarlijker vijand had gevochten: de Baal-dienst. Als Elia er niet was geweest, zou (menselijkerwijs gesproken) het geloof in de HERE uit Israel verdwenen zijn en was Israel geestelijk vernietigd. Maar door de tomeloze inzet van Elia was er in Israel nog een groep van 7.000 gelovigen overgebleven, die geen afgoden aanbaden. Zo zorgde God er zelf voor, dat zijn Woord bekend bleef in Israel. Dat Woord houdt eeuwig stand. Elisa mag namelijk in het spoor van Elia verdergaan. Elisa had om die reden gevraagd om een dubbel aandeel in de geest van Elia. Want hij was er diep van doordrongen, dat het niet mogelijk is, om uit eigen kracht profeet te zijn. Geloven is niet iets, wat een mens uit zichzelf doet. Daar hebben we de heilige Geest voor nodig.
De wens van Elisa wordt door God verhoord. Hij is getuige van de hemelvaart van Elia. Zo wijst de HERE hem Zelf aan als opvolger van Elia. Want één ding van Elia ging niet mee naar boven. Zijn harige profetenmantel. Het is dezelfde mantel, die Elia hem bij zijn roeping toegeworpen had. Die mantel is nu van hem. Het is zijn ambtskleed. Daarmee maakt God hem duidelijk: ‘Jij, Elisa, zult optreden in de lijn van Elia. Bij je taak als profeet zul je, net als Elia, kracht van mijn Geest krijgen.’ Dat komt er direkt uit: als Elisa alleen bij de Jordaan terugkomt, herhaalt hij met de opgerolde mantel het teken van Elia. Zo kan Elisa als profeet beginnen. Hij heeft de hemel gezien en de overwinning van het Woord van God. Zo gaat het Woord van de Here verder. Het blijft bekend in Israel. Er gaat zelfs weer wervingskracht uit van de prediking van Elisa. En als hij sterft, krijgt ook Elisa de eretitel: ‘Wagens en ruiters van Israel!’ Hij heeft eveneens veel betekend voor Israel.
Het waren zware tijden voor de gelovigen in Israel, toen Elisa Elia opvolgde. Allebei riepen ze de mensen op om zich van hun zonden te bekeren. Daarna kwam de Here Jezus. Hij heeft hun werk voltooid en ons met God verzoend. Hij heeft de duivel verslagen. Toch probeert satan nog steeds, vanuit verslagen positie, zoveel mogelijk mensen van het geloof af te trekken. We zouden kunnen zeggen: de duivel gaat oerend hard. Vaak lijkt hij heel ver te komen. Maar hij redt het niet! God zorgt ervoor, dat op belangrijke punten, als de situatie kritiek wordt, er mensen zijn, die standhouden. Dat zijn de ‘wagens en ruiters van Israel’, de personen, die er -menselijkerwijs gesproken- voor gezorgd hebben, dat Gods Woord het heeft gered en dat er mensen bleven geloven
in de enige naam op aarde die redding biedt, die van Jezus. Soms zijn het er maar heel weinig meer. Maar ook dan, al zijn het er maar twee of drie die in de naam van Jezus bij elkaar komen – ook dan belooft onze Heer: ‘Ik ben in jullie midden!’ Hij geeft je het lef om ‘oerend hard’ van je geloof te getuigen, zoals Elia in zijn dagen deed. Dus ‘Go like Elijah’!
Wat zullen we hier nog meer van zeggen? Je kunt vechten voor meer ruimte voor gemeentezang. Je kunt in het negatieve blijven hangen en met een zuur gezicht praten over de regels. Je kunt ook leren van een bestuurder van een voetbalclub die in een televisieprogramma een andere toon aansloeg. Hij zei (in mijn eigen woorden weergegeven): blijven zeuren over wat niet kan, helpt je niets verder. Wees blij met wat wel kan en maak er dankbaar gebruik van.
“Eens, once upon a time, maakte God in korte tijd een kant en klaar heelal en schiep Hij één mensenpaar als zijn evenbeeld. En met het intellect dat God Zelf in onze hersenen gelegd heeft, kunnen we het allemaal narekenen: als God het niet in een krappe week geschapen heeft, zou het ongeveer 13,7 miljard jaar oud zijn. Zo’n machtig God is Hij!”
het moment dat er een paar honderd primaten op de aarde zijn, laat God hen op wonderbaarlijke wijze ineens doorgroeien tot rationele wezen. Hij geeft hun gaven als taal en abstract denken, maar ook onbaatzuchtige liefde en het daarbij behorende geschenk van de vrije wil. Deze voorouders van ons leefden in een paradijselijke enclave waar ze leefden in volmaakte, harmonieuze liefde en waar ze gevrijwaard waren van ziekte, destructieve natuurlijke gebeurtenissen, veroudering en doodgaan. Deze eerste mensen waren geschapen voor een volmaakte wereld zonder lijden. Maar ze misbruikten het geschenk van de vrije wil en maakten zich los uit hun eenheid met God. Als logisch gevolg van hun opstand overspoelde het natuurlijke kwaad van lijden en dood door de willekeurige krachten van de natuur, dat in de rest van de wereld al aanwezig was, hen nu ook. Daarnaast kreeg de wereld nu voor het eerst te maken met moreel kwaad, omdat de menselijke natuur vanaf dat moment totaal verdorven was door zondige ik-gerichtheid.
Tip 2: Vraag een aantal gemeenteleden die al ter ondersteuning in de kerk aanwezig zijn (ouderling, bijbellezer, musici, koster) om aan tafel het Avondmaal mee te vieren. Meet van te voren uit hoeveel stoelen er geplaatst kunnen worden op 1½ meter afstand van elkaar. Bij ons was er plaats voor vijf personen extra: twee aan de beide uiteinden van de dwarsbalk, twee halverwege de onderkant van het kruis en één aan de voet van het kruis. Een viering met alleen de predikant is ook mogelijk, maar geeft veel minder het gevoel van verbondenheid.
Tip 5: Regel niet teveel over hoe gemeenteleden thuis het Avondmaal mee moeten vieren. Laat iedereen er zelf voor zorgen dat er brood en wijn of druivensap klaar staat om het Avondmaal mee te vieren.
Hoewel: toen ik deze blog klaar had, zei Karla tegen mij: wat een ingewikkeld gedoe allemaal. Waarom moeten doopouders persé hun kind vasthouden bij de doop? Laat de vader of moeder hun baby op een doopkussen leggen en daarna samen een stap achteruit doen, zodat de dominee de kleine gewoon kan dopen incl. de besprenkeling, desnoods met wegwerphandschoenen aan.
In de Middeleeuwen was de pest de meest gevaarlijke ziekte in Europa. In de 13e eeuw kostte de ‘Zwarte Dood’ het leven van ongeveer 1/3 van de bevolking. Ook in de tijd van Luther en Calvijn braken er nog regelmatig pestepidemieën uit. In 1527 ging de pest rond in Wittenburg en andere Duitse steden. Veel mensen waren erg bang om besmet te raken en wilden de stad ontvluchten. Luther schreef toen het boekje ‘Ob man vor dem sterben fliehen möge’. In Nederlandse vertaling is het
Ik zal God bidden dat Hij ons genadig wil bewaren en beschermen. Dan wil ik ook helpen met het uitroken(1), de lucht in huis verversen, medicijnen geven en nemen, én plaats en persoon mijden waar men mij niet nodig heeft, opdat ik mijzelf niet zal verwaarlozen en bovendien ook anderen zou aansteken en besmetten, en dat ik zó door mijn nalatigheid de oorzaak van andermans dood zou zijn.